>>>  Laatst gewijzigd: 28 december 2017  
Ik

Woorden en Beelden

Filosofie en de waan van de dag

Start Glossen Weblog Boeken Denkwerk

Geschiedenis van de techniek

Voorkant Bodanis 'Het elektrisch universum' David BODANIS
Het elektrisch universum - Een geschiedenis van de elektriciteit (oorspr. Electric universe - The shocking true story of electricity)
Amsterdam: Ambo, 2005; oorspr. 2005; 234 blzn.
ISBN: 90 2631 7514

[Bodanis heeft wis- en natuurkunde gestudeerd en is auteur van boeken die wetenschap populariseren op een leesbare, journalistieke manier. Dit boek is bedoeld als een geschiedenis van de elektriciteit vanaf de 19e eeuw. Maar het is ontstellend oppervlakkig, vol met zinloze details en anecdotes. Het is ook niet zo zeer een geschiedenis van de elektriciteit als wel een geschiedenis van toepassingen van elektriciteit. Waardoor allerlei apparaten als telegraaf, telefoon, radio, radar, en zo verder slechts heel kort besproken kunnen worden.]

(19) I - Draden

Het eerste hoofdstuk gaat over de Amerikanen John Henry en Samuel Morse van rond 1830. Terwijl Henry en anderen hun kennis met Morse delen, vraagt deze laatste octrooien aan voor al die informatie. Uiteindelijk kwam hij met de Morse-code voor de telegraaf.

"Maakt het iets uit dat hij het idee voor zijn uitvinding grotendeels had gestolen?"(29)

[Merkwaardige opmerking. Natuurlijk maakt dat wat uit. Kennis delen tegenover kennis tot je eigendom maken, dat verschil maakt al uit. En als je de kennis van ánderen tot jouw eigendom maakt, ben je inderdaad een dief.]

Het tweede hoofdstuk gaat over Alexander Graham Bell van rond 1870 en de uitvinding van de telefoon.

Daarna werden er steeds meer uitvindingen gedaan door groepen onderzoekers in industriële onderzoekslaboratoria. Daarover gaat het in hoofdstuk drie, en dan met name over de Amerikaan Thomas Edison rond 1880 waarover gezegd wordt:

"Amerika was na de Burgeroorlog een gewelddadig land. Stakingen werden dikwijls neergeslagen met geweren en dynamiet; patenten werden gestolen; beginnende beleggingsmaatschappijen werden te gronde gericht door gevestigde firma's. Het was niet verbazingwekkend dat er op de technologiemarkt roofzuchtige types verschenen, die doorgaans door rijke geldschieters gefinancierd werden. Als zij hadden vastgesteld dat er een nieuw elektrisch product was ontwikkeld, probeerden ze een technische huurling te vinden met de vakkundigheid om via een iets ander proces hetzelfde apparaat te maken. De oorspronkelijke uitvinder zou geruïneerd worden en zowel het bedrijf dat achter de kopie zat als de huurling die hem had gemaakt zou steenrijk worden.

Omdat de telefoon van Bell de gehele telegrafie dreigde te ondermijnen, moest Orton [de baas van een telegraafmaatschappij] zich wenden tot de meest bekwame onderkruiper die hij kende. Dat was de jonge Thomas Edison, een man die, zoals Orton tevreden tegenover een vriend verklaarde, 'een vacuüm had waar zijn geweten zou moeten zitten."(41)

[Natuurlijk is Amerika nog steeds een gewelddadig land. En dit illustreert dat koude kapitalisme met zijn egoïstische hebzucht die daaraan ten grondslag ligt. Bodanis schrijft er over alsof het allemaal niet uitmaakt. Akelig.]

Met Edison en later Joseph John Thompson ontstond er een wereld met allerlei toepassingen van elektriciteit, van gloeilamp tot elektriciteitscentrale, van tramlijnen en elektromotoren tot aan pretparken.

(55) II - Golven

Hoofdstuk vier gaat over de Brit Michael Faraday die begin 19e eeuw op een heel originele manier nadacht over de krachtvelden in magnetisme en elektriciteit.

"De meeste van zijn Engelse collega's geloofden dat hij slechts een slimme hobbyist was. Ze wisten van zijn pijnlijke gebrek aan officiële scholing; ze hadden gezien dat hij zijn inzichten niet kon uitdrukken in de hogere wiskunde waarvan zij zich met zo'n gemak bedienden. Verreweg de meesten onder hen vonden zijn wilde theorieën over onzichtbare krachtvelden ongegrond, en zijn ideeën werden dan ook beleefd terzijde geschoven."(64)

Maar uiteindelijk werden zijn inzichten bevestigd door de handelingen van anderen. Dat staat in hoofdstuk vijf. De Amerikaan Cyrus West Field nam rond 1850 het initiatief voor een telegraafkabel onder zee tussen de VS en het VK. Onder leiding van Edward Whitehouse - in feite ook weer een bedrieger - lukte dat niet en naar de Schot Williamson Thomson werd in eerste instantie niet geluisterd. Later mocht Thomson het overnemen en slaagde hij er in de kabel te laten werken. Zijn ideeën waren dezelfde als die van Faraday: de onzichtbare krachten waren golven.

(83) III - Golfmachines

Hoofdstuk zes gaat over de Duitser Heinrich Hertz, eind 19e eeuw, en over het ontstaan van de radio. Hoofdstuk zeven over de ontwikkeling van radar in WO II door de Britten Robert Watson Watt en Arnold Wilkins. Hoofdstuk acht gaat over de Brit Reginald V. Jones die in WO II het Duitse radarsysteem 'Freya' ontdekte waardoor duidelijk werd dat je met 'chaff' dat radarsysteem kon overvoeren zodat het zinloos werd het te gebruiken bij aanvallen door de lucht.

(127) IV - Een stenen computer

Hoofdstuk negen gaat over de Brit Turing en over Bletchley Park / de Colossus. Dus over de ontwikkeling van computers. Hoofdstuk tien gaat over de transistor en de Amerikanen John Bardeen, Walter Brattain, en William Shockley [de laatste ook al weer zo'n onaangename persoonlijkheid die goede sier maakte met de vindingen van anderen]. Later Robert Noyce en Gordon Moore.

(159) V - Het menselijk brein en daar voorbij

Hoofstuk elf en twaalf gaan over 'natte elektriciteit', de elektrische stromen dus in biologische systemen.

Tot slot nog wat biografische informatie over genoemde personen en eindnoten.

Start  ||   Glossen  ||   Weblog  ||   Boeken  ||   Denkwerk