>>>  Laatst gewijzigd: 28 december 2017  
Ik

Woorden en Beelden

Filosofie en de waan van de dag

Start Glossen Weblog Boeken Denkwerk

Geschiedenis van informatie en media

Voorkant 'Het Chaos Computer Boek' Thomas AMMANN e.a.
Het Chaos Computer Boek - Over inbreken in computersystemen, wiz-kids, virussen, kunstmatige intelligentie ... (Nederlandse vertaling van Das Chaos Computer Buch
Amsterdam: Uitgeverij Balans, 1988; 200 blzn.
ISBN 90 5018 0728

[Over de Chaos Computer Club (CCC) en alles daaromheen - waarover Stoll het in zijn Koekoeksei heeft - is ook een boek verschenen. Het bevat een bonte verzameling bijdragen van verschillende auteurs. Dit boek is heel geschikt om een beeld te krijgen van de mentaliteit en werkwijzen van computerkrakers, en van de maatschappelijke gevolgen en reacties daarbij. Het bevat allerlei verhalen over computerkraken uit die tijd, waaronder ook de jacht op een kraker die Stol beschreef.]

De Chaos Computer Club - een losse groep van alle variaties nerds en computerkrakers uit Hamburg, Duitsland - speelde in de tachtiger jaren in de media een grote rol. Zonder twijfel bestaat er een relatie tussen de opkomst van de persoonlijke computer en computernetwerken in die jaren en de neiging in opstand te komen tegen alle beperkingen van het toenmalige computer-establishment. Computers waren tot dan toe vooral grote mainframes en minicomputers die in computercentra bij bedrijven en universiteiten stonden en centraal beheerd werden door een klasse van systeembeheerders die bijna het aureool van hogepriesters boven hun hoofd hadden hangen. Bovendien werd de voortschrijdende automatisering indertijd gezien als een bedreiging van werkgelegenheid en privacy. De persoonlijke computers en computernetwerken maakten het mogelijk de pretenties van die priesterklasse onderuit te halen: grote computersystemen met gevoelige informatie bleken vaak slecht beveiligd en gemakkelijk toegankelijk.

Opkomst

In de V.S. was er al eerder een hackerbeweging (Richard Cheshire). Vanaf 1983 namen nerds in Europa de ideeën en praktijken ervan over. De Chaos Computer Club werd in 1984 opgericht (met bv. Wau = Herwart Holland en Steffen Wernery; tijdschrift Datenschleuder) . Er hing in eerste instantie een sfeer van romantisch idealisme rondom die groep nerds. Een centralistische gesloten Goliath met een stropdas werd regelmatig op de knieën gedwongen door een anarchistische open en creatieve David met een t-shirt aan.

"Wij trappen aan tegen het angst- en verdoemenisbeleid met betrekking tot computers en tegen de censuurmaatregelen van multinationals, postmonopolies en regeringen. (...) De media waren dolenthousiast, de wijdverbreide angst voor de onweerstaanbare opmars van de computertechnologie, die veel mensen te zwaar belastte, had eindelijk een uitlaat gevonden. Intussen hadden de systeembeheerders en de beveiliginsexperts in het bedrijfsleven slechts een vriendelijk lachje over voor de krakersverhalen; nogsteeds koesterden ze zich in zekerheid."(5-7)

Vaak speelden principes bij de nerds helemaal geen rol: er zat jeugdige branie, ze probeerden voor de lol in allerlei systemen binnen te komen, het was een sport om dat klaar te spelen, het waren kwajongenstreken. Ze stonden niet erg stil bij de gevolgen van hun handelingen. Van de andere kant: wanneer ze wél serieus waren en met grote deskundigheid wezen op programmafouten die misbruik van systemen (bv. het BTX-systeem van indertijd) mogelijk maakten, kregen ze vaak te maken met ontkenningen van bestuurders en systeembeheerders en met de eeuwige verzekering dat 'hun' systemen veilig en waterdicht waren.

Ondergang

Verschillende factoren maakten dat er steeds meer tegenstellingen ontstonden in die losse groep van nerds. De scheidslijnen kwamen steeds meer te liggen tussen open publicerende idealisten die fouten in systemen wilden aantonen maar niets wilden stelen of kapot maken en gesloten operende computerkrakers die er geen gat in zagen informatie te wissen, computersystemen plat te leggen, en dergelijke. Om de veelgebruikte etiketten te gebruiken: 'hackers' kwamen tegenover 'crackers' / 'crashers' te staan.

De verharding bij een groep nerds was zeker het gevolg van de leugenachtige houding van managers en systeembeheerders van bedrijven en overheidsinstellingen - wie niet horen wilde moest maar voelen. Een andere factor was dat de media alleen maar uit waren op de sensatie van grote computerkraken en niet echt geïnteresseerd waren in de rol van computers in de samenleving. Ook de politiek had weinig oog voor dat laatste. Het beeld dat in de media groeide was dat computerkrakers schade toebrengen aan systemen.

[Wat ook een rol speelde was de naïeviteit en ondoordachtheid van de zogenaamde 'hackerethiek'. Je kunt wel stellen dat er niet met data gerotzooid mag worden, maar dat betekent nog niet dat dat niet gebeurt. Niet alle krakers blijken idealisten met een vriendelijke en sociale instelling die alleen maar willen helpen computersystemen veilig te maken. Verder kun je je natuurlijk toch afvragen of je jezelf toegang mag verschaffen tot systemen en informatie op systemen wanneer je daarvoor geen toestemming hebt van de eigenaren ervan.]

"Zo blijft het wereldje in schemerduister gehuld, raken jongeren gewend aan een zekere mate van illegaliteit en wordt aan het toeval overgelaten wat er in de openbaarheid komt. Krakers zijn geen morele supermensen. Krakers zijn eerst en vooral op avontuur beluste computerfreaks."(89)

Vanaf 1986 voerden allerlei landen dan ook computerwetgeving in tegen computermisbruik. Krakers werden zonder enige nuance gecriminaliseerd, terwijl wetgeving die slechte beveiliging van gevoelige informatie bestraft maar langzaam van de grond kwam. De nerds gingen dus steeds vaker als legale computerdeskundigen werken. Andere nerds gingen ondergronds verder met illegale computerkraken en computerspionage. In 1988 is de CCC een schaduw van wat zij in het begin was. In feite niet meer dan een computerclub zoals er inmiddels zo veel zijn.

Start  ||   Glossen  ||   Weblog  ||   Boeken  ||   Denkwerk