>>>  Laatst gewijzigd: 9 maart 2020  
Ik

Woorden en Beelden

Filosofie en de waan van de dag

Start Glossen Weblog Boeken Denkwerk

Filosofie van informatie en media

Voorkant Schuler-Day 'Shaping the network society' Douglas SCHULER / Peter DAY (eds.)
Shaping the network society - The new role of civil society in cyberspace
Cambridge, Mass.: The MIT Press, 2004; 433 blzn.
ISBN: 02 6219 497X

Dit boek omvat een reeks artikelen over de rol die Internet speelt op maatschappelijk terrein en in het (politieke) publieke debat. Het wil oproepen tot verantwoordelijkheid. De insteek is internationaal: de auteurs en hun 'case studies' van allerlei maatschappelijke lokale projecten komen uit verschillende landen.

"Information and communication technology (ICT) has been, and increasingly is being, marketed in the service of efficiency, speed, progress, and , of course, profitability. The more flesh-and-bones aspects of life - neighborhoods, emotions, resistance, fallibility, accidents, carnivals, play, smells, death, and so on - play little part in the antiseptic aura spun by the high priests and priestesses of computerization. The message is this: computers are for people in control, not for people who are under control. In other words, computers are to be used to maintain the status quo, not to perturb it."(vii)

Onderzoek op ICT-gebied dat over dat soort zaken gaat wordt nationaal en internationaal nauwelijks ondersteund. Maar het is er wel. De auteurs van dit boek geloven in dat soort onderzoek en zijn er ook van overtuigd dat de ontwikkeling van de sociale aspecten van de netwerksamenleving voor gemeenschappen en burgers mogelijk is en lokaal en globaal een verschil kan maken.

(1) 1 - Schuler / Day: Shaping the network society - Opportunities and challenges

Het boek gaat dus over ICT die concreet aansluit op de praktische behoeften van allerlei groepen mensen, en sociale verandering en verbetering tot doel heeft. De 'publieke sfeer' waarin mensen met elkaar in gesprek en in debat zijn, is daarbij een fundamenteel democratisch aspect. De kenmerken ervan zijn: de publieke sfeer geeft mogelijkheden om te communiceren, iedereen kan zonder belemmering deelnemen aan die communicatie, deze voltrekt zich in complete openheid en niet achter gesloten deuren, en er is een mediatie van macht tussen mensen en instituten.

Iedereen moet in staat zijn om de agenda in de publieke sfeer te bepalen en deel te nemen op basis van gelijkwaardigheid. Mensen met meer kansen (qua geld, macht, etc.) moeten niet ook meer kansen hebben in dat maatschappelijke debat.

Volgt een beschrijving van de grote lijn en een korte samenvatting van de artikelen in dit boek.

(19) 2 - Boyd-Barrett: U.S. global cyberspace

Boyd-Barrett wijst op het neoliberale en Amerikaanse karakter van de ontwikkelingen rondom computers en Internet. Deze dienen dan ook vooral de belangen van de VS.

"Computing and the Internet incontestably benefit many people. I argue that benefits disporpotionately accrue to the wealthy and powerful, within and between nations, and that corporate interest is an ever-present threat to public interest in an equitable system of governance, use, and accessibility of global cyberspace. In this chapter I attend to the global context of the evolving cyberindustry - its contributions to and implications for the balance of power and, in particular, U.S. interests."(19)

"If our end goals are economic growth, amelioration of economic inequality, protection of human rights, and liberation from both political and corporate oppression, we should ask whether computing really is the appropriate place to start or on which to focus. Whose interests are served by so doing - those of the people, or those of the corporations that produce computer hardware and softeware? Are these interests compatible? Is this a new digital age, or an old age digitized?"(20)

Volgen mondiale cijfers over de economische situatie in de wereld en de dominantie van TNC's (= Transnational Corporations) uit de V.S. [tot 2000] die duidelijk maken hoe groot de ongelijkheid is tussen het Westen (V.S., Europa, Japan) en de rest van de wereld.

[Die cijfers liegen er niet om. Het zal vandaag de dag, zo'n tien jaar later, wel iets veranderd zijn, maar waarschijnlijk is de situatie fundamenteel nog steeds hetzelfde: de globalisering van de economie is alleen maar in het voordeel van het rijke Westen, en dan met name van de Verenigde Staten.]

"TNC activities outstretch and outsmart the will or capacity of regulatory agencies."(25)

Met name de ICT-industrie speelt globaal een grote rol in het mogelijk maken van de globale economie, in het vergroten van de winst voor het Westen, in het adverteren van Westerse producten en daarmee ook in het verspreiden van Westerse cultuur.

"Fourth, communications industries contribute to the 'semiotic construction' of the world - that is, the ways images of the world, nations, institutions, people, and activities are designed, packaged, and disseminated, or not, as the case may be, by the media, or by influences that act on the media.(...) But the patterns of representation and expression thus formed are a matter of concern, not least because they privilige some voices, ideas, and interests and exclude or marginalize others."(26)

De media gaan daar in mee. De trends kunnen opgesomd worden als: digitalisering van de communicatie, convergentie van technieken, fusie, deregulatie, privatisering, concentratie, versterking van competitie, commercialisering, internationalisering, amerikanisering, democratisering.

"The Internet, a dramatic example [van convergentie van technieken], can deliver data; text; voice, natural sound, and music; still and moving images. Much delivery is interactive in ways not previously possible. Bandwith permitting, the Internet can deliver content that was once separately associated with newspapers, magazines, posters, books, radio, telephone, fax, photography, television, and cinema."(27)

"Processes of deregulation promoted during the 1980s' Reagan administration have had immense impact, nationally and internationally. Deregulation, however, is a confusing term. It suggests a reduction in quantity of regulation, but really signifies a change from one kind of regulation to another, from a system that protects the public interest, toward a system that referees competition between major corporations ..."(28)

"In countries that had supported 'public-service' media, controlled or protected by the state, deregulation took the path of privatization, the sell-off of state communications properties to private interests, and/or the exposure of state media to the discipline of a competitive marketplace. Privatization has been prevalent in broadcasting and telecommunications worldwide."(28)

Het gaat met die commercialisatie dus niet meer om het publieke belang, het gaat om de winst. Economische factoren als de concentratie van bedrijven, toenemende competitie, internationalisering moeten de aandeelhouders tevreden stellen. Dit is het toenemende Amerikaanse neoliberale kapitalisme. Om de winst te maximaliseren, moeten de kosten gedrukt worden, waardoor er inhoudelijk steeds 'meer van hetzelfde' komt.

"In all these processes, communications media have had a part to play, often through uncritical acceptance of neoliberal utopias."(31)

En de controle over de ICT-industrie zowel als over de media-/communicatie-industrie ligt allereerst in de VS, en pas in tweede instantie in andere gevanceerde economieën zoals die van Europa en Japan.

"These trends worked to consolidate U.S. global power, in general and in communications, even while the global pitch was readied for intensified economic competition between the United States, the European Union, and China."(37-38)

Dat ondanks allerlei internationale pogingen in het kader van de UN en de UNESCO, bijvoorbeeld de NWEO- (= New World Economic Order) en de NWICO- (= New World Information and Communication Order) strategie van ontwikkelingslanden, Oostblok en Aziatische landen.

"The United States intensified its global defense of capitalism and pursued its national interest through agencies over which it had control, such as the World Bank, International Monetary Fund, G7. Retaliating against UNESCO calls for NWEAO and NWICO, the United States proposed a 'new world order' of free flows of goods and capital, regulated by the powerful nations, while resubscribing to precrisis concepts of information 'free flow' that would allow Western media corporations to grow bigger and gave free reign to a U.S. military-incubated 'secret weapon' - computer microprocessor technology."(39)

(43) 3 - Chapman: Shaping technology for the 'good life' - The Technological Imperative versus the Social Imperative

Technologie en globalisering van het kapitalisme gaan sinds de 1990s hand in hand.

"A significant point of debate raised by this phenomenon is whether, and to what extent, the rapid spread of technologically based global capitalism is inevitable, unstoppable, and even in some vague sense autonomous."(43)

Het antwoord op die vraag zal bepalen of en welke manieren er zijn om de netwerksamenleving vorm te geven door zelf keuzes te maken. Technologie lijkt altijd overschat te worden. Neem nou 'Moore's Law' dat het aantal transistors per IC elke 18 maanden zou verdubbelen: dat lijkt te kloppen, maar Intel - waar Moore werkte - kan ook máken dat het klopt. En hoe lang klopt het nog? En maakt dat computers intelligenter dan mensen?

"There is no evidence that human beings 'compute', the way a computer processes binary information, in order to cogitate or think. Nor is there evidence that the von Neumann computer model of serial bit processing is even a simulacrum for human information processing."(45-46)

Bill Joy bekritiseerde in Wired van april 2000 dan ook dat kritiekloze geloof in technologie zoals o.a. naar voren gebracht door Kurzweil en Moravec. Hij maakt zich daar zorgen over. Hij vindt dat we andere keuzes moeten maken, andere utopieën moeten nastreven. Maar stiekem zit daar natuurlijk ook een geloof achter in de alomvattende invloed van de techniek.

"Kurzweil, Joy, and Kaczynski [de 'Unabomber', die in de VS technici aanviel en techniek saboteerde] all portray technology as an all-encompassing, universal system - Joy repeatedly uses the phrase 'complex system' - that envelops all human existence. It is the 'totalizing' nature of such a system that raises troubling ethical problems for Joy, dark fantasies of doom for Kaczynski, and dreams of eternity, immortality, and transcendence for Kurzweil. But might there not be another way to adapt technology to human-scale needs and interests? "(48)

Vergelijk de 'Slow Food'- beweging (vanaf 1986 gestart in Italië en populair in Europa; in 1999 gevolgd door een Slow City - beweging) die zich verzet tegen de Amerikaanse Fast Food - cultuur.

"Slow Food is thus one of the more interesting and well-developed critiques of several facets of globalization and modern technology. Specifically, it is a response to the spread of globally standardized and technology-intensive corporate agriculture, genetic engineering, high-tech food preparation and distribution, and the quintessentially American lifestyle that makes 'fast food' popular, and, for some, even imperative."(49)

Het gaat hier niet om neo-luddiete bewegingen. De mensen in die bewegingen willen simpelweg dat technologie voor andere doelen wordt ingezet, met waarden op de ondergrond als aandacht voor vrije tijd, voor smaak en tegen de gelijkschakeling door massaproductie, voor harmonie met de omgeving, voor het bewaren en bevorderen van lokale identiteiten en vaardigheden, tegen de middelmatigheid en zo verder.

"The subtleties of this worldview are typically lost on most Americans, who have no idea where their food comes from, nor would they care if they did know ...."(50-51)

"In this way, the 'slow' movement is an intriguing and perhaps potent critique of modern technology, which is otherwise widely viewed as propelling us toward the very things the 'slow' movement opposes."(51)

In de VS accepteert men zoiets als bioengineering als onvermijdelijk, in Europa niet. De urbanisatie en de daarmee verbonden leefstijl in de VS is overal hetzelfde, middelmatigheid is troef, terwijl er in Europa altijd nog bewegingen zijn die dat anders proberen te doen.

"Many fear this American trend toward mass appeal, mediocrity, and profit at the expense of quality, excellence, and unique identity is now taking over the Internet as well."(52)

Er zijn ook wel mogelijke nadelen aan dat neohumanistische streven naar 'het goede leven', al laat de 'slow'- beweging daar niets van zien.

"...there is the possibility that an emphasis on local and historically specific cultural heritage, even limited to cuisines, could become a facade for anti-immigrant or even xenophobic political opinions, which are discouragingly common in European politics today. Moreover, there is a long history of skepticism and outright opposition to technology among right-wing extremists, who often try to protect nationalist and conservative traditions threatened by technologies such as media, telecommunications, the Internet, and reproductive technologies, to name a few."(53)

Wat betreft Internet geldt dezelfde kwestie sinds de commercialisering sterk toenam.

"Right now, the Internet is rapidly, inexorably beginning to resemble and imitate television, another case of a technology that has fallen far short of its potential."(55)

Uitgangspunt zou moeten zijn dat Internet gebruikers de vaardigheden leren om producenten te worden in plaats van alleen maar consumenten te zijn (bijvoorbeeld blogs). Daarnaast zou de trend richting het beschermen van informatie ('copyright') een tegenwicht moeten krijgen in vrije gedeelde informatie. Verder zou open source en vrije software een grotere rol moeten gaan spelen. Ook zouden virtuele 'communities' aangevuld moeten worden met 'face-to-face-communication'. De 'digital divide' moet opgeheven worden. Met andere woorden: technologie is niet deterministisch, er kunnen keuzes hgemaakt worden.

"There is a sense that when commerce touches anything these days, it either dies or is transformed into something artificial and alien, a poor substitute for the 'real'. This may continue indefinitely, but not without resistance and friction."(61)

(67) 4 - Hamelink: Human rights in the global billboard society

Hamelink vindt dit geen netwerksamenleving, hij noemt dit een 'billboardsamenleving' zolang de netwerken niet meer doen dan het overbrengen van commerciële boodschappen ondanks alle utopische kreten van mensen als McLuhan, Toffler, Negroponte en zo verder.

"Such utopian visions seem to suggest that the emerging network technologies are creating a more humanitarian society, whereas current social realities suggest that around the world these technologies are mainly being used by commercial interests to usher in a global billboard society. The key concern in this chapter is that in this process the essential normative standards of the international human rights regime are coming under serious threat."(68)

Hamelink wijst op het verschil tussen de zichtbaarheid en de beschikbaarheid van goederen in de globale economie met al zijn marketing. Ondanks alle zichtbaarheid is er globaal nog steeds enorm veel armoede. De marketing is ook zeer sterk gericht op kinderen.

"When young people cannot be reached through the Internet or TV, the billboard society knows to find them through the eductional system. Advertising in textbooks and other forms of education-advertising mixtures (such as corporate sponsorships) now occur in many countries."(70)

"The prevailing neoliberal political climate is reinforcing the expansion of the global billboard society. Its aspiration to open up and expand markets around the globe will require the growth of global advertising."(71)

"Advertising also teaches children around the world the values of materialism and the practices of consumerism. This promotes a cultural uniformity that is fatal for the development of diverse identities in multicultural and multilingual societies."(74)

Over het algemeen is er sprake van een botsing tussen wat de billboardsamenleving nastreeft en wat belangrijk is in het kader van internationale mensenrechten, zie het schema op p.75:

Voor de toekomst is het belangrijk te letten op de standaarden die de internationale gemeenschap heeft ontwikkeld voor de beoordeling van technologische ontwikkelingen.

"These standards point to the right of protection against the harmful effects of technical applications, the right of access to and enjoyment of technological progress, and the right of participation in decision making about technological development."(79)

(85) 5 - Williams / Alkalimat: A census of public computing in Toledo, Ohio

Naast 'personal computing' (thuis) en 'private computing' (op het werk voor jezelf) is er 'public computing' (in een openbare ruimte als een school, bibliotheek voor jezelf). Dit artikel doet verslag van een empirisch onderzoek naar de digitale kloof en 'public computing' in Toledo in de VS. Veel cijfers, weinig gedachten.

(111) 6 - Lovink / Riemers: A polder model in cyberspace - Amsterdam Public Digital Culture

Onderzoek naar het reilen en zeilen van de De Digitale Stad (DDS) in Amsterdam. DDS kwam ter wereld in de 90-er jaren, een periode waarin het thema 'cultuur en technologie' op de agenda kwam. Kraakbeweging (Paradiso en De Balie kwamen daar uit voort), radio- en TV-piraten (TV 3000, Hoeksteen, Park TV, Rabotnik, Bellissima via Salto), hackers (de Hacktic groep), musici, en poltici die in hun maag zaten met de nieuwe technische mogelijkheden en de relatie politiek-publiek, vonden elkaar in een technocultuur die in 1994 leidde tot de oprichting van DDS.

"All this resulted in a politically (self-) conscious, technically fearless, yet financially modest and hence unassailable atmosphere and constituency, which went a long way toward fostering a media culture in Amsterdam that was neither shaped by market-oriented populism nor informed by cultural elitism."(114)

[Dat laatste betwijfel ik zeer. Ik denk dat veel van de betrokkenen uit een middenklasse milieu kwamen waarin het woord 'cultuur' met hoofdletters geschreven werd. En wie waren die mensen, die DDS financieel ondersteunden toen de beginsubsidie op was - zie p.119? Dat zou ik ook wel eens willen weten. Want hoe onafhankelijk ben je dan?]

DDS werd Europa's grootste en bekendste publieke computernetwerk ('free net') met in 1998 70.000 'bewoners' (= geregistreerde gebruikers) en 160.000 bewoners in 2000. Maar de publieke discussie over politieke onderwerpen kwam nooit van de grond. Techneuten vonden DDS leuk en anderen vonden de toegang via DDS tot Internet leuk.

Maar de conclusie is onontkoombaar: mensen waren vooral voor zichzelf bezig op DDS en niet om sociale of maatschappelijke redenen. Bovendien kwamen ze al lang niet meer uit Amsterdam terwijl DDS oorspronkelijk bedoeld was voor Amsterdammers. DDS was ook zeker niet 'publiek' in de zin dat iedereen er gebruik van kon maken, daarvoor moest je verstand hebben van computers.

"Another thing the Amsterdam example seems to demonstrate is that the barrier of computer literacy was, and still is, very real, and this had a great deal of influence on the actors involved in the DDS situation as well as on their actions. Thus, the digital cultutre of the late 1990s remained to a great exent the preserve of geeks/hackers, students, media professionals, and a smattering of people who had gone to the trouble of becoming conversant with computers."(125)

En DDS miste de slag en redde het uiteindelijk niet, toen er overal ISP's kwamen die - zonder enige vorm van idealisme - toegang tot Internet aanboden op commerciële basis. Bovendien was DDS zelf ook al lang niet meer de gemeenschap die ze zo graag wilden zijn: de interne democratie was ver te zoeken en het commerciële avontuur ging volledig ten koste van de vroegere idealen.

Het Virtuele Platform dat in 1997 ontstond en allerlei culturele organisaties in Amsterdam verbond, is nauwelijks representatief te noemen maar is wel een rol gaan spelen in de verdeling van subsidiegelden. Ook de professionele media-mensen verenigden zich (in ANMA = de Amsterdam New Media Association) en konden op die manier in gesprek gaan met de overheid. De overheid was toch niet zo ver weg als oorspronkelijk gedacht en gewild werd.

(137) 7 - Finquelievich: Community networks go virtual - Tracing the evolution of ICT in Buenos Aires and Montevideo

Ook een onderzoek gericht op de rol die ICT-technieken (met name elektronische burgernetwerken) eventueel spelen in het vergroten van de deelname van burgers in de publieke sfeer. Conclusie: ICT heeft de potentie om het zogenoemde 'sociale kapitaal' te vergroten, maar het blijft onduidelijk hoe ver dat gaat.

[Uiteindelijk is ICT gewoon een van de vele middelen die sociale bewegingen kunnen gebruiken om hun punt te maken. Maar wanneer er door politici en regeringsinstanties niet geluisterd wordt en er daarom geen invloed uitgeoefend kan worden op politieke besluitvorming, helpt ook ICT als middel niet om frustratie te voorkomen. En daarmee blijft overeind: wanneer je iets wilt bereiken, kun je beter voor iemands deur gaan staan dan hem of haar een e-mail toe te sturen.]

(159) 8 - Matic: Civil networking in a hostile environment - Experiences in the former Yugoslavia

Over de turbulente gebeurtenissen van 1980-2000 in voormalig Joegoslavië en de rol van oude en nieuwe media in het volksverzet tegen Milosevic's dictatuur. Het voorbeeld dat hier uitgebreid aan de orde komt: radiostation B92 dat later ook over Internet ging uitzenden.

(185) 9 - Robinson: Rethinking telecenters - Microbanks and remittance flows - Reflections from Mexico

Die telecenters zijn Internetcafé's met toegevoegde sociale functies, zeg maar, zoals training en schrijven van inhoud. Ze zouden goed kunnen dienen om de digitale kloof te dichten en zouden via microeconomie betaald kunnen worden door de deelnemers. Dit in tegenstelling tot de top-down-benadering die door allerlei instanties gekozen wordt en waar de grote commerciële bedrijven al te veel een rol in spelen. Als die al bestaat in deze arme landen. Die micro-betalingen zouden ook een belangrijke rol kunnen spelen in het geld dat migranten of mensen die in het buitenland werken zo vaak naar huis overmaken.

(199) 10 - De Cindio: The role of community networks in shaping the network society - Enabling people to develop their own projects

'Community Networks' (CN's) zouden gekenmerkt moeten worden door:

Dit hier gaat over het Milan Community Network (RCM = Rete Civica di Milano, gestart in 1994). Het artikel wil aan de hand van negen jaar RCM laten zien dat CN's een goede techniek zijn voor deelname van burgers aan lokale activiteiten.

(229) 11 - Calhoun: Information technology and the International Public Sphere

"Information Technology (IT) and globalization have each been the object of enormous hope and considerable disappointment. So too is their combination in the notion of an international public sphere supported by the Internet and other communications media. This is basic to the dream of international civic society that has flourished since the early 1990s, with the collapse of communism and opening of capitalist markets. And indeed, such an international public sphere clearly already exists. Equally clearly, however, it has not yet provided the basis for cosmopolitan democracy its advocates have hoped. "(229)

De globalisering van de economie is gestimuleerd door alle mogelijke technieken en is dus niet alleen ontstaan omdat Internet ontstond zoals veel mensen zeggen.

"In this context [van wereldwijde armoede en de publieke sfeer van waaruit men die ter discussie probeert te stellen], it is worth noting that the most influential of electronic media is not yet the Internet or any form of computer-mediated communication but still television."(232)

Veel van de informatie op Internet is ook alleen maar toegankelijk voor mensen in de rijke landen, gemaakt voor die mensen en door die mensen. De commercialisering versterkt dat. Pas de laatste jaren begint er lokaal eigen informatie geproduceerd en gedistrinueerd te worden (bv. Al Jazeera).

"Both the corporate control of much public content provision and the corporate use of IT to manage internal production and private financial transactions so far considerably outstrip insurgent and activist uses of the new technologies. This does not make the latter unimportant, but it should encourage a certain realism. As with other technologies, the ability to use IT varies not just with the potential of the technology but with the resources different users can invest"(233)

In veel landen zoekt men naar een manier om IT een belangrijker rol te geven, zonder dat dat betekent dat westerse / Amerikaanse waarden worden overgenomen ten koste van lokale waarden en tradities.

"Politicians presenting globalization as an irresistible force commonly embrace neoliberal policies as the necessary response. Global economic competition demands, citizens are told, that public-sector jobs be cut, taxes lowered, state-owned resources privatized. The same IT that potentially makes possible a more vigorous public sphere is cited as an example of global pressures before which public opinion should bow down; it is used to squelch dissent. Ironically perhaps, the IT industry itself often backs this neoliberal rethoric, focusing on the image of freedom and seeing states and bureaucracies only as possible fetters on innovation (rather than also as embodiments of social achievements such as public education or health care). The result is to reduce the chances of the socially transformative and publicly engages use of IT, while encouraging its domination and domesticatin by commercial interests."(234)

"To a large extent, the notion of a single, uniform global culture or economy is an illusion encouraged by the way dominant Western media present information about the world. From other vantage points, the divergences are readily visible."(236)

[Het beeld van globalisering dat wordt opgehangen is met andere woorden meestal het Westerse / Amerikaanse neoliberale beeld van hoe de wereld zou moeten functioneren. Westerse staten, internationale organisaties, media, bedrijfsleven worden allemaal zwaar gedomineerd door dat Westerse neoliberale denken. Het is duidelijk dat de nadruk op het belang van globalisering van die kant alleen maar een globalisering oplevert die in het belang is van het Westen. Waardoor rijke landen nog rijker worden etc. etc. Het verzet van allerlei kanten is dan ook terecht.]

"IT is powerful, but not all powerful. It is introduced into a world of existing social relations, culture, capitalsm, and inequalities. These shape what will be made of it. So does the creativity of engineers, designers, and users."(237)

[Het is jammer dat Calhoun in de beperkte ruimte van het artikel zo veel aan de orde wil stellen. Daardoor worden de formuleringen en opmerkingen allemaal heel erg algemeen en abstract. Jammer want zijn visie is kritisch en leerzaam.]

(253) 12 - Rheingold: What do we need to know about the future we're creating? - Technobiographical reflections

Rheingold is de bekende Amerikaanse techniek-utopist. Hij noemt zichzelf bij voorbaat een technofiel hier. Maar - zegt hij verder - niet een met dogma's: hij heeft vele vragen en vooral de laatste jaren begint hij zich fundamentele vragen te stellen over techniek en over de richting waarin zich die ontwikkelt.

[Ja, sorry hoor, maar dat werd ook wel tijd na al dat gejuich over de techniek en met name ICT. En nu krijgen we open deuren als de volgende]

"For the practical and irresistible reason that there is much money in selling tools and much less in critiquing them, the real and imagined benefits of technologies are trumpeted, while their histories and social impacts are not nearly as widely taught or discussed."(255)

[Nou, nou, knap, hoor. Geweldig inzicht. En zo origineel!]

"At the end of the twentieth century, it became easier to see that technological progress based on systematically gathered scientific knowledge, coupled with industrial capitalism (or socialism, for that matter), requires continous growth, damages the environment that supports life, diminishes both biological and social diversity, and everywhere seems to move us toward societies in which humans learn how to be components in larger social machines. No matter how convenient it makes life for billions, this process of extracting resources, expanding power, and stimulating perpetual growth in energy consumption seems to be headed for ecological, political, and economic catastrophe within the next few decades, at most. In the last twenty years of unparalleled technological development the gap between rich and poor has become enormous and continues to grow. Desperation and ideology fuel war and terror. It is no longer as easy to assume that life will get better as technology marches on.(...)
We simply do not have a good method for thinking and making decisions about how to apply (and not apply) the powerful tools of rationality, the scientific method, reductionism, the combination of logic and efficiency embodied by technology."(258)

[O, dat is de reden. Niet de Amerikaanse neoliberale kapitalistische dominantie in de wereld. Ongetwijfeld gaat Rheingold ons nu vertellen hoe we wel moeten denken en beslissen?]

Volgt een relaas over wat Rheingold geleerd heeft van zijn decennia met technologie.

"It is time to look at today's questions about digital life as instances of the same questions Jacques Ellul and Lewis Mumford asked about technological civilization half a century ago, and which Marx, Weber, and Veblen dealt with even earlier."(265)

[Nee, maar. En vele andere denkers die niet kriitiekloos dweepten met techniek in het algemeen en computertechniek in het bijzonder. Want dat is toch het punt: waarom zijn mensen als Rheingold niet vanaf het begin skeptisch over de zegeningen van de techniek? waarom jarenlang dat kritiekloze enthousiasme en dan op het eind van je leven of zo pas beginnen met de vragen te stellen die je natuurlijk altijd meteen moet stellen?]

[De analyse is dus weer oppervlakkig en vrijwel weer uitsluitend gebaseerd op Amerikaanse bronnen. In feite moet er een fundamentele kritiek komen op neoliberalisme, kapitalisme in relatie tot (computer)techniek. Als oplossing heeft Rheingold in feite alleen maar vragen tegen de achtergrond van een stiekeme hoop dat sociale netwerken toch zullen bijdragen aan de publieke sfeer en het verbeteren va de democratie. Ik zou er niet mijn geld op zetten. De oplossingen moeten natuurlijk veel fundamenteler zijn - een ander economisch stelstel, een andere manier om de samenleving te regelen, een andere rol voor techniek. Dat is zo vergaand, dat ze veel moeilijker te realiseren zijn. Even de wereld verbeteren.]

(279) 13 - Kranich: Libraries - The information commons of civil society

Over de verzwakkende publieke sfeer in de VS. Over allerlei auteurs die die ontwikkeling proberen te keren. Omdat informatie essentieel is voor de participatie van burgers in de publieke sfeer is een 'information commons' nodig. Bibliotheken zouden dat kunnen zijn.

"Libraries provide the real and virtual spaces in communities for free and open exchange of ideas fundamental to democratic participation and civil society. In almost every school, college, and community, libraries in the Western world make knowledge and information available to all. They are the place where people can find differing opinions on controversial questions and dissent from current orthodoxy. Even beyond the United States, Canada, and Europe, and in emerging democracies, libraries serve as the source - often the sole source - for the pursuit of independent thought, critical attitudes, and in-depth information. And in so doing, they guard against the tyranny of ignorance, the Achilles heel of every democracy."(282)

[Dit lijkt me een erg naïeve idealistische kijk op bibliotheken. Zijn ze werkelijk toegankelijk voor iedereen? Er wordt steeds meer op bezuinigd vanuit het neoliberale denken. Zijn ze echt steeds populairder? Zijn ze echt een bron van afwijkende meningen? In de VS bepalen de geldschieters ongetwijfeld welke boeken wel en niet aangeschaft moeten worden. En hebben we ze nodig gezien de digitale mogelijkheden van vandaag de dag? Wie gaat er nog naar een echte bibliotheek voor het opzoeken van informatie?]

[Het heeft echt geen zin om over dit soort zaken te denken wanneer er geen woord wordt besteed aan de alles bepalende neoliberale kapitalistische context van die bibliotheken.]

"The promise of new technologies is imperiled by powerful political and economic forces. (...) Attempts to restrict the public's right to know and unfettered public access to information keep accelerating. Now more than ever we face serious threats to public access and the free flow of ideas. What is at stake is not only the basic and fundamentental role of libraries as the information commons in our communities, but also the public's access to information and knowledge - the basic underpinnings of democracy."(287)

[Dit lijkt me realistischer, ja. Wat zou kunnen of goed zou zijn, is nog niet wat er gebeurt. De feiten laten zien dat de rol van bibliotheken wordt afgeknepen. En Internet is hiervoor ook geen oplossing zoals blijkt uit de 'digital divide'. Bovendien wordt het steeds moeilijker kwalitatief goede informatie te vinden in een qua kwantiteit almaar groeiende stroom van publicaties - dat vraagt nog meer vaardigheden en 'literacy' dan voorheen toen er alleen papieren media waren. Daarnaast wordt steeds meer informatie beschermd uit angst voor kopieën en aantasting van het auteursrecht en intellectueel eigendom. Dus: idealen, prima; maar vooralsnog gaat de samenleving door de totale commercialisering in een richting die de realisatie van die idealen onmogelijk maakt.]

(301) 14 - Silver: The soil of cyberspace - Historical archaeologies of the Blacksburg Electronic Village and the Seattle Community Network

Weer een paar voorbeelden van 'free nets' uit de geschiedenis van Internet, deze keer uit de VS. Het is verder onduidelijk wat het onderzoek wil zeggen.

(325) 15 - Morris: Globalization and media democracy - The case of Indymedia

Beschrijving van het digitale activistennetwerk Indymedia dat een tegenwicht wil bieden aan de grote en weinig kritische mediacorporaties die de laatste decennia ontstaan zijn. In de tabel op p.340-341 een goed overzicht van de insteek ervan, de onderliggende waarden en werkwijzen en zo verder.

[Inmiddels zijn we zo' tien jaar verder. Indymedia bestaat nog steeds. Maar het is ook duidelijk dat activisme niet per se zo veel invloed heeft gekregen op de politieke beslissingen in parlementen, laat staan op beslissingen binnen het bedrijfsleven. Activisme heeft de globalisering en het neoliberalisme niet gestopt.]

(353) 16 - Day / Schuler: Prospects for a new public sphere

Dit laatste artikel vat in de eerste plaats de conclusies samen van alle voorgaande artikelen en is in die zin niet meer dan een herhaling van standpunten.

[Ik ben verder skeptisch over de positieve inschatting van de potentie van alle beschreven sociale en lokale projecten om ook maar enig tegenwicht te bieden aan de neoliberale uitwerkingen van het kapitalisme van vandaag de dag en het gebruik dat daarbij gemaakt wordt van computertechniek. Leuke initiatieven, goed om te doen, maar vaak zonder enige toekomst.]

Start  ||   Glossen  ||   Weblog  ||   Boeken  ||   Denkwerk