>>>  Laatst gewijzigd: 11 mei 2019  
Ik

Woorden en Beelden

Filosofie en de waan van de dag

Start Glossen Weblog Boeken Denkwerk

Hermeneutiek

Ook hermeutiek heeft te maken met het verwerven van kennis. Het is een andere manier om dingen te weten te komen dan via apparaten die metingen verrichtingen en kennis uitdrukken in hoeveelheden. Lang niet alles is immers in kwantiteiten uit te drukken. Of het is niet wenselijk om dat te doen.

Houden van

Met kinderen kun je dat leuke spelletje spelen: 'Ik hou van je, schat', 'Hoeveel, papa?', 'Zóóó veel', en je strekt je armen uit alsof je een grote vis gevangen hebt. Je zegt als papa of mama niet: '483 HE's [houdenvan-eenheden], lieverd'. Het gaat hier niet om dat soort hoeveelheden, daarmee sla je in deze situatie de plank volkomen mis..

Liefde druk je niet uit in getallen, maar in gedrag. Gedrag dat kinderen feilloos weten te 'lezen'. Wanneer je als antwoord plagerig zou zeggen 'Zo veel?' en je zou alleen je duim en wijsvinger gebruiken, dan wordt dat niet geaccepteerd. Het kind weet dat het geplaagd wordt en wil het echte antwoord hebben. Voor kinderen is er alleen maar liefde in een groots gebaar.

Er is een hoop dat mensen op die manier feilloos weten. Maar wat betekent 'feilloos' hier? We kunnen heel veel te weten komen door gedrag van anderen te lezen. Maar dat werkt vaak alleen maar feilloos in een bepaalde situatie en we kunnen het ook alleen maar op basis van heel veel ervaring met situaties en gedrag

Omgaan met de werkelijkheid

Daarom zijn mensen zowel in het alledaagse leven als beroepsmatig continu bezig met duiden, interpreteren, inschatten, 'lezen' of welke vergelijkbare term je hier ook wilt gebruiken. Een voorbeeld:

Iemand wandelt op een zandpad, ziet iets liggen dat hem opvalt omdat het contrasteert met de kleur en de vorm van het zandpad en met de kleuren en vormen van het gras, de struiken en de bomen in de omgeving. Dichterbij gekomen meent hij aanvankelijk te weten wat er ligt, hij besluit het op te rapen. Terwijl hij zich bukt, voelt hij een paar pijnlijke rugspieren en er schiet hem een herinnering te binnen met betrekking tot de conditietraining van de avond te voren. Vrijwel meteen richt zijn aandacht zich echter weer op het voorwerp dat hij besloot op te rapen. Hij ziet de kleuren en de vorm van het ding, hij schat het gewicht, hij betast de oppervlakte, hij probeert het thuis te brengen en zoekt daartoe zijn geheugen af om herkenningspunten te vinden. Intussen is hij alweer overeind gekomen en loopt verder over het zandpad, maar zijn aandacht is nog steeds bij het gevonden voorwerp. Hij verwondert zich over de vindplaats, hij bewondert de vorm en de kleuren van het ding, hij vraagt zich zich af wat de geldwaarde ervan is en waar het toe dient. Hij bedenkt een aantal mogelijkheden om een antwoord op die vragen te krijgen, hij denkt aan een vriendin van hem die werkzaam is in een antiekzaak en die waarschijnlijk meer over het ding kan vertellen. ......

Dit voorbeeld geeft een beschrijving van hoe iemand met de werkelijkheid waarin hij leeft, omgaat. Bij de wandelaar is er sprake van een voortdurend proces van waarneming, associatie, beweging, waardering, en zo voort. En er is eveneens sprake van steeds weer nieuwe werkelijkheid die in dat proces betrokken wordt. Zo zijn mensen altijd bezig, ze denken terug en ze denken vooruit, ze geven voortdurend zin en betekenis aan ervaringen, ze interpreteren de indrukken die ze opdoen of de gevoelens die ze hebben, ze slaan ervaringen op in kennis en gebruiken die kennis weer bij nieuwe ervaringen, en zo voort.

Actoren en toeschouwers

In het voorbeeld van net was er nog sprake van een eenzame wandelaar. Maar in erg veel gevallen vormen mensen juist een deel van de werkelijkheid die mensen interpreteren. Laat ik voor het gemak het onderscheid toeschouwer - actor gebruiken. Een actor verricht een handeling en interpreteert daarbij de werkelijkheid. Hij kan deel zijn van de werkelijkheid van een toeschouwer die hem ziet handelen. Hij kan zelf tegelijkertijd toeschouwer zijn van andere actoren die handelen. Een voorbeeld:

Persoon A loopt ergens en ziet aan de overkant van de straat een vriendin. Ze staat te praten met een andere vrouw. Hij besluit over te steken om gedag te zeggen en om haar uit te nodigen voor een avondje sauna. Hij schat de situatie van het verkeer in, de snelheid van een paar auto's van rechts en van een brommer van links, hij schat de breedte van de straat, heeft ergens weet van de noodzakelijke loopsnelheid, hij wil naar een bepaald punt toe aan de overkant, en nog meer.

Persoon B loopt een aantal meters achter persoon A. Hij ziet A. kijken, hij 'ziet' dat A. gaat oversteken, dat wil zeggen: hij interpreteert een aantal indrukken van het gedrag van A. als zodanig. Maar hij 'ziet' zelfs iets wat A. niet ziet en 'weet' dat A. aangereden zal worden door een fietser die A. niet is opgevallen, een fietser die niet kan zien dat A. achter een geparkeerde auto zal gaan oversteken. B. slaakt een kreet, maar het is al te laat.

Aan dit voorbeeld wordt duidelijk hoe snel interpretaties van de werkelijkheid voltrokken kunnen worden, hoeveel informatie er al gemoeid is met zo iets simpels als het oversteken van een straat. Daarnaast blijkt er uit dat toeschouwers het doen en laten van andere mensen heel goed kunnen inschatten, en soms zelfs meer zien dan de waargenomen actor zelf kan zien.

Uiteraard had ik ook een voorbeeld kunnen geven waarin een toeschouwer het handelen van een actor juist volstrekt verkeerd inschat en op grond van een volstrekt verkeerde interpretatie een kreet zou slaken of iets dergelijks. Of iets een goede of slechte interpretatie is houdt verband met een aantal voorwaarden waaraan al of niet voldaan is.

In ieder geval is het zo mensen in het samenleven voor elkaar toeschouwer en actor zijn. Beide personen kunnen niet anders dan bij voortduring interpretaties opbouwen van wat de ander ziet, wil, niet wil, over het hoofd ziet, en zo verder. En ook in het samenleven zijn goede en slechte interpretaties mogelijk.

Interpretatie en waarden

In het tweede voorbeeld spelen waarden en normen nog geen duidelijke rol. In veel situaties zal het echter voorkomen dat waarden en normen deel uit maken van de werkelijkheid die geïnterpreteerd moet worden. De betrokken mensen kunnen dan een goede of een minder goede inschatting geven van de relevante waarden en normen. Maar hoe kan dat beoordeeld worden? Nog een voorbeeld hiervan:

Stel dat drie hulpverleners - Hans, Liesbeth en Djamila - samen een casus doornemen met het doel te komen tot een advies over aanpassingen en hulpmiddelen in de thuissituatie van een Turkse hulpvrager met een traditionele achtergrond. Daarbij is het goed mogelijk dat ze ieder een heel andere inschatting geven van wat in dit geval wenselijk is, op basis van een interpretatie van alle beschikbare gegevens. Hoe kan dat? Ze hebben alle drie dezelfde gegevens ter beschikking. Dus: daar kan het niet aan liggen. Waar ligt het dan wel aan? Deze drie hulpverleners benaderen die gegevens ieder op hún manier, met hún ervaringen op de achtergrond, met hún waarden- en normensysteem in het achterhoofd. Wanneer het zo is dat zij een verschillende socialisatie hebben doorlopen (laten we zeggen: Hans een autochtone middenklasse-achtergrond; Liesbeth is ook autochtoon, maar is ouder en als herintreedster begonnen met dit werk, ze komt bovendien uit een typisch arbeidersmilieu; Djamila is allochtoon, komt uit Marokko, uit de stad, heeft net de opleiding achter de rug, etc), dan ligt het voor de hand dat er interpretatieverschillen zullen optreden.

Het voorbeeld van zojuist laat een aantal typische problemen van interpretatie zien. In de eerste plaats dit probleem. Wie van de drie heeft gelijk? Wie gaf de juiste interpretatie van de casus? Veel mensen zullen nu zeggen dat ze alle drie even veel of even weinig gelijk hebben.

Maar is dat zo? Is elke interpretatie bij deze casus even zeer van toepassing? Is interpretatie zo subjectief als zo veel mensen lijken te denken? Zouden deze drie personen niet alle drie kunnen proberen hun eigen waarden- en normensysteem te zien en te overstijgen? En zouden ze dan niet alle drie zo veel openheid kunnen bereiken dat ze het via een diepgaande dialoog eens worden over de beste interpretatie van alle beschikbare gegevens en daarmee over wat in de beschreven situatie wenselijk is?

Daarnaast wordt in dit voorbeeld duidelijk dat interpretatie altijd voltrokken wordt vanuit een interpretatiekader. Interpreteren doet iemand altijd met op de achtergrond zijn cultuur, samenleving, socialisatie, persoonlijkheid, en dergelijke. Bij al het interpreteren spelen op vele momenten waarden en normen, steeds daar waar bepaald wordt of moet worden wat wenselijk is en wat niet, wat hoort en niet hoort, waaraan iemand moet voldoen en waaraan niet, etcetera.

Nog een voorbeeld

Aan de hand van een vierde voorbeeld wil ik nog een ander punt duidelijk maken. Dit voorbeeld ontleen ik aan een artikel van Lubbers (R. LUBBERS (red.)(1985) Hermeneutische diagnostiek en probleemoplossing - De mens als tekst, p. 6 - 7:

"Een man die een wagentje met boodschappen voor zich uit duwt komt uit een zelfbedieningszaak. Het karretje is hoog opgeladen en bovenop ligt een doos met een taart, in wankel evenwicht.

Achter de man loopt zijn vrouw. Het is niet mogelijk te horen wat zij zegt, maar uit haar gesticulaties blijkt dat zij haar man op indringende wijze van goede aanwijzingen voorziet.

Toeziend op het wankelen van de taart is het voor een observator mogelijk te anticiperen op wat komen gaat, ja zelfs om voorspellingen te doen. En als het onvermijdelijke dan gebeurt en de man zich buigt over de brokstukken van de taart, dan barst ook het vrouwverwijt in alle hevigheid los met als gevolg dat de man zich schichtig naar zijn auto spoedt en de mussen van de taart genieten.

Iemand die dit kleine familiedrama van nabij heeft gevolgd, kan zich de woede van de vrouw, die het immers al had gezegd, wel voorstellen en hij kan zich ook in de toestand van de man verplaatsen. Dit begrijpen echter is afhankelijk van kennis en inzicht in het doen van boodschappen in zelfbedieningszaken, waarin aan kassa's, draaihekjes, karretjes en verpakkingsmiddelen zo'n belangrijke functie is toebedeeld. Ook is het nodig om het betrokken echtpaar en de omgangswijzen die zich tussen hen ontwikkeld hebben, te kennen om te kunnen voorspellen wat de afloop zal zijn. (...) Het begrip voor een handeling is afhankelijk van de kennis van doelstellingen en middelen en van de omgangswijzen daarmee. Zonder gedegen kennis daaromtrent is het niet mogelijk te begrijpen wat zich in het leven van mensen voltrekt en kan hulpverlening daarbij alleen intuïtief slagen. (...)

Een observator uit den vreemde, die van taarten, kartonnen dozen en vrij winkelen geen weet heeft, zou van de ene verbazing in de andere vallen als hij het echtpaar in de zelfbedieningszaak had gevolgd. Dit moge vanuit westerse ogen overdreven lijken, maar wordt duidelijker en ook dwingender als het gaat over culturen die in de westerse civilisaties onbekend gebleven zijn. Zogenaamde primitieve volken kunnen in hun manier van voedselbereiding en distributie de westers geciviliseerden deze onmacht tot begrijpen geven en zo men de anti-psychiatrie mag geloven, zijn vele vormen van krankzinnigheid niet anders te duiden dan als onmacht van de omstanders om te begrijpen. De hermeneutische diagnostiek en therapie dienen om het begrijpen te maximaliseren door doelstellingen, middelen en methoden van handelen ten volle bij de kennisverwerving te betrekken. Dit veronderstelt gedegen kennis van wat thans binnen het bereik van mensen is: kleding, arbeid, communicatiemiddelen, cultuur- en geloofsproducten en van de omgangswijzen daarmee."

Wat maakt dit voorbeeld nu duidelijk? In de eerste plaats het belang van kennis van zaken met betrekking tot waarden en normen. Dat geldt van de ene kant naar degene toe die interpreteert. Deze moet kennis hebben van en inzicht hebben in zijn of haar eigen waarden en normensysteem, of - om met de fenomenologen te spreken - van zijn of haar eigen horizon, van waaruit zij of hij interpreteert. Hoe meer iemand zichzelf kent op dit terrein, hoe meer iemand zich bewust is van zijn of haar blinde vlekken, hoe meer iemand probeert die blinde vlekken weg te werken, des te meer zal zo iemand in staat zijn eenzijdigheden, vertekeningen en vooroordelen in zijn of haar interpretatie te voorkomen.

Het geldt van de andere kant ook naar degene toe van wie het handelen geïnterpreteerd wordt: men moet zo veel mogelijk kennis verwerven van en inzicht verkrijgen in het waarden en normensysteem van die persoon. Hoe meer kennis en inzicht op dit terrein, des te meer zal de interpretatie aansluiten bij de wensen en bedoelingen van die persoon.

In de tweede plaats laat het voorbeeld zien dat interpretatie een stuk moeilijker wordt wanneer degene die interpreteert en degene die geinterpreteerd wordt verschillende culturele achtergronden hebben, wat in feite een verschil in kennis met betrekking tot waarden en normen en overige culturele gegevenheden inhoudt. Mensen met een verschillende horizon zien niet hetzelfde en waarderen wat ze zien niet op dezelfde manier.

Start  ||   Glossen  ||   Weblog  ||   Boeken  ||   Denkwerk