>>>  Laatst gewijzigd: 13 juni 2025   >>>  Naar Verwerking en uitwerking  
Ik

Notities bij boeken

Start Overzicht Filosofie Kennis Normatieve rationaliteit Waarden in de praktijk Mens en samenleving Techniek

Citaat

"Jongeren beginnen steeds later aan seks. In de mediane leeftijden is de trend zichtbaar voor alle vormen van seks met iemand anders, maar niet voor masturberen. In 2023 heeft de helft van de jongeren met 16,4 jaar getongzoend. Met 18,0 jaar heeft de helft van de jongeren ervaring met vingeren of aftrekken en met 18,6 jaar heeft de helft van de jongeren orale seks gehad. Met 18,7 jaar heeft de helft van de jongeren vaginale seks gehad, in 2017 was dat met 18,0 jaar en in 2012 was dat met 17,0 jaar." Hanneke DE GRAAF e.a. - Seks onder je 25e - Seksuele gezondheid van jongeren in Nederland anno 2023, p.191

Voorkant De Graaf e.a. 'Seks onder je 25e - Seksuele gezondheid van jongeren in Nederland anno 2023' Hanneke DE GRAAF e.a.
Seks onder je 25e - Seksuele gezondheid van jongeren in Nederland anno 2023
Utrecht: Eburon (Rutgers/Soa Aids Nederland), 2024; 221 blzn.
ISBN-13: 978 94 6301 4984

[Dit is het vierde onderzoek naar de 'seksuele gezondheid' van jongeren. Dat normatieve begrip — want wat 'gezond' genoemd wordt, hangt sterk van waarden en normen af, zelfs als het gaat om fysieke gezondheid — wordt gelukkig niet kritiekloos gehanteerd. Het is een goede ontwikkeling dat de aandacht begint te verschuiven van onderzoek naar alle negatieve kanten van seks naar onderzoek van het plezier dat je aan seks kunt beleven. Ook prettig is dat al in de eerste zinnen de sensatiezucht van de media wordt tegengesproken met de feiten.]

Voorwoord [door Dr. Rik HW van Lunsen, arts-seksuoloog]

"Ondanks steeds weerkerende negatieve berichten in de media over de seksuele gezondheid van die ´Jeugd van Tegenwoordig` blijkt steeds weer dat het relatief goed gaat met de seksuele gezondheid van jongeren in Nederland. Wat wel is veranderd is dat wetenschappers, overheden en voorlichters het begrip `seksuele gezondheid` geleidelijk zijn gaan herdefiniëren. Werd bij monitoring van de seksuele gezondheid van jongeren aanvankelijk vooral onderzocht in hoeverre seksueel overdraagbare aandoeningen (soa’s), onbedoelde zwangerschappen, negatieve seksuele ervaringen en seksuele problemen voorkwamen, geleidelijk wordt er meer gekeken in hoeverre jongeren plezier beleven aan de eerste stappen in hun seksuele carrière.
Door de WHO wordt seksuele gezondheid al meer dan twintig jaar gedefinieerd als ‘een met seksualiteit verbonden toestand van fysiek, emotioneel, mentaal en sociaal welzijn’. Seksuele gezondheid is meer dan alleen de afwezigheid van ellende en om seksuele gezondheid te meten moeten we de focus dus vooral richten op wat er wèl goed gaat en hoeveel plezier men aan seks beleeft. Er wordt steeds meer aandacht besteed aan het bevorderen van (de voorwaarden voor) seksueel plezier en bestrijding van de plezierkloof tussen genders. Ook de overheid is dit langzaam maar zeker gaan inzien." [mijn nadruk]

[Ik vraag me af hoe dat in de praktijk uitvalt. Of het nu echt zo goed gaat met de bedoelde seksuele gezondheid of dat dat een optimistische inschatting is van deze arts-seksuoloog zal moeten blijken.]

"We zijn in Nederland best goed in rampenbestrijding, maar nog niet zo goed in het bevorderen van seksueel plezier voor iedereen."

Dankwoord

De financiering kwam van het Ministerie van Volksgezondheid en het RIVM. Verder was er intensieve samenwerking met GGD's, het CBS, scholen, etc.

[Had de financier invloed op het verloop van dit onderzoek en de weergave van de resultaten? Die vraag moet je altijd stellen. En hoeveel invloed had de oververtegenwoordiging van vrouwen in dit onderzoek? ]

(1) Hoofdstuk 1 - Inleiding en methode [Hanneke de Graaf & Koenraad Vermey]

"Seks onder je 25e is een grootschalig onderzoek naar ontwikkelingen in de seksuele gezondheid van jongeren van 13 tot 25 jaar in Nederland."(1)

[Waarom nu 13 jaar i.p.v. 12 jaar? Dat staat verderop:]

"Om het draagvlak onder scholen te vergroten en aansluiting te vinden bij de landelijke Gezondheidsmonitoring Jeugd is deze editie gekozen voor uitvoering vanaf de tweede klas in het voortgezet onderwijs,"(3)

"De vragenlijst en wervingsmaterialen zijn met pretesten voorgelegd aan jongeren. Ook de uitkomsten en kernboodschappen zijn in overleg met jongeren geduid."(2)

"De aanvullende regionale data werden niet in de landelijke data meegenomen, in tegenstelling tot de editie in 2017."(3)

"In totaal vulden 7.847 jongeren onder de 25 jaar onze vragenlijst volledig in: een respons van 27,8%."(5)

[Heldere verantwoording van het samenstellen van de onderzoekspopulatie.]

"Aan de start van de dataverzameling voor het landelijke onderzoek en de regionale ophogingen is daarom een uitgebreid traject voorafgegaan waarin ethische en privacy-aspecten zijn afgewogen."(5)

"Over de dataverzameling en de selectievoorwaarden voor deelname op scholen bereikten wij echter geen consensus met de commissie. Deze selectievoorwaarden maakten het werven van een representatieve steekproef en de vergelijking met vorige metingen onmogelijk. De onderzoeksopzet is vervolgens aangepast op basis van juridische adviezen van een privacy-expert. Ook de overige adviezen van de ethische commissie hebben we zoveel mogelijk opgevolgd. Hierdoor is de belasting voor de jongeren geminimaliseerd en zijn directe en indirecte herleidbaarheid uitgesloten. De privacy van de deelnemers is hiermee gewaarborgd." [mijn nadruk] (5)

[Ik zou die discussie wel eens willen zien. Het is een trend om privacy overdreven belangrijk te vinden. Speelde dat hier ook?]

"Het databestand is eerst opgeschoond: respondenten waarvan er vermoedens waren dat hun antwoorden onvoldoende betrouwbaar waren, werden verwijderd."(6)

[Ouders die dingen invullen voor hun kind, ook. Mijn hemel.]

"Een respons van 28% betekent dat ruim zeven van de tien jongeren die werden uitgenodigd om deel te nemen, niet reageerden op de oproep. Het is bekend dat bepaalde groepen vaker gehoor geven aan een oproep om mee te doen aan onderzoek. Meiden doen bijvoorbeeld eerder mee dan jongens. Jongeren met een herkomst buiten Nederland en/of een praktisch opleidingsniveau doen minder vaak mee. Om hiervoor te corrigeren is gebruik gemaakt van weging."(6)

[Ik weet niet of ik al die statistische bewerkingen en gewogen steekproeven zo geweldig vind. ]

Tabel 1.4 op p.8 geeft de Samenstelling van de opgeschoonde en gewogen steekproef.

"De deelnemende jongeren vulden een digitale vragenlijst in met vragen over een breed scala aan seksuele gezondheidsthema’s. De elementen in de edities van 2005, 2012 en 2017 die belangrijk zijn voor inzicht in trends zijn behouden. Er zijn ook aanpassingen gedaan om in te spelen op nieuwe ontwikkelingen en wensen van stakeholders." [mijn nadruk] (8)

[En dat roept opnieuw de vragen op die ik al eerder stelde. De vraag is: wat meet je dan eigenlijk? De opvattingen van ouders en media of de opvattingen van de jongeren? Hoe eerlijk zijn de respondenten? Hoe vaak geven ze sociaal wenselijke antwoorden? Genoemde opschoning is goed, maar hoe ver gaat dat en voorkomt dat deze dingen?]

(11) Hoofdstuk 2 - De seksuele start [Hanneke de Graaf & Koenraad Vermey]

"Tabel 2.1.1 laat zien dat driekwart van de 13- en 14-jarigen weleens verliefd is geweest. Iets meer dan de helft heeft weleens een relatie gehad. Op deze leeftijd is de groep met seksuele ervaring nog heel klein."(12)

[Zie mijn commentaar elders over woorden als "klein" die net zo goed een waarderingsconnotatie kunnen hebben.]

"Jongens en meiden verschillen weinig van elkaar in ervaring met liefde, relaties en seks met iemand anders (Tabel 2.1.2). In ervaring met masturbatie en orgasme is het verschil tussen jongens en meiden wel opvallend groot. Onder 13- tot en met 15-jarigen heeft bijvoorbeeld 61% van de jongens weleens gemasturbeerd, tegenover 21% van de meiden. Een bijna even groot deel van de jongens (57%) heeft op die leeftijd weleens een orgasme gehad, tegenover 14% van de meiden. In de oudere leeftijdsgroepen groeien de seksen wel iets naar elkaar toe wat dit betreft, maar het verschil blijft overal significant. Bijna alle jongens van 21 tot en met 24 jaar hebben weleens gemasturbeerd, terwijl 15% van de meiden van deze leeftijd nooit gemasturbeerd heeft. Ook het verschil in ervaring met orgasme blijft in de oudste leeftijdsgroepen bestaan, terwijl meiden in deze groepen wel iets meer ervaring hebben met allerlei vormen van seks met iemand anders." [mijn nadruk] (13)

[Dat is dus nog steeds zo. Wat gaan al die stakeholders hier aan doen? Gaan ze er les in geven of minstens voorlichting over geven? Vast niet. ]

"Jongeren die niet geloven of die het geloof niet belangrijk vinden, hebben vaker ervaring met liefde en seks (zowel met zichzelf als met iemand anders) dan jongeren voor wie het geloof heel belangrijk is. Dat geldt zowel voor jongens als voor meiden."(16)

"Zeer gelovige jongeren gaan een stap verder in de mate van verbondenheid die ze willen met een partner voordat ze seks met iemand hebben. In deze groepen wordt ‘ik wil eerst getrouwd zijn’ veruit het meest genoemd als reden, door bijna driekwart van de onervaren jongeren die het geloof heel belangrijk vinden, ten opzichte van 1% van de onervaren jongeren die niet-gelovig zijn of geloof onbelangrijk vinden."(19)

[Religieus geloof en seksvijandigheid gaan dus ook nog steeds samen. Ik stel voor dat de stakeholders een anti-religie campagne starten om het plezier in seks bij jongeren te vergroten. O nee, dat zal ook wel niet gebeuren.]

"De meeste jongeren hebben een relatie met degene met wie ze hun eerste ervaring met vaginale seks hebben, maar meiden zeggen dit iets vaker (65%) dan jongens (59%) (Tabel 2.2.1). De meeste meiden geven aan dat de eerste keer vaginale seks een beetje (49%) of veel (25%) pijn deed. Jongens ervaren de eerste keer vaginale seks vaker als fijn en minder vaak als vervelend dan meiden. Een op de zes meiden geeft aan dat de eerste keer vaginale seks een vervelende ervaring was."(17)

Sectie 2.5 vergelijkt deze resultaten met die van de ondeerzoeken van 2012 en 2017.

"Er is sprake van een doorgaande trend in het later opdoen van de eerste seksuele ervaringen (Tabel 2.5.1). Vergeleken met 2012 had in 2017 al een kleiner deel van de 13- tot en met 17-jarigen ervaring met vrijwel alle vormen van liefde en seks. Deze trend zet voor verschillende ervaringen met liefde en seks door. Vooral met verliefdheid en relaties hebben in 2023 aanzienlijk minder 13- tot en met 17-jarigen ervaring dan in 2017. Ook met tongzoenen hebben minder 13- tot en met 17-jarigen ervaring, en meiden van deze leeftijd hebben iets minder vaak ervaring met vaginale seks dan in 2017." [mijn nadruk] (23)

"Anno 2023 vindt 63% van de jongens en 62% van de meiden seks zonder verliefdheid goed, in 2012 was dat respectievelijk 61% en 47%."(24)

"Op basis van Seks onder je 25e is moeilijk te zeggen waar deze verschuiving vandaan komt.(...) Ook sociale media speelt een rol. Jongeren zijn zo gewend om online met elkaar te communiceren, dat de stap om fysiek contact met iemand te hebben, te zoenen bijvoorbeeld, mogelijk groter is geworden. Daarnaast zijn jongeren bang voor roddels op sociale media, als ze te snel zouden overgaan op seksueel contact."(25)

[Dat laatste komt uit het onderzoek uit 2018 van Cense-Van Dijk. ]

(27) Hoofdstuk 3 - Diversiteit in sekse, gender en seksuele oriëntatie [Titia Beek & Laurian Kuipers]

"Van de jongeren is 0,7% transgender en 2,5% genderdivers (Tabel 3.2.1). In totaal is (afgerond) 3,3% van de jongeren transgender of genderdivers. Wanneer we kijken naar de toegewezen sekse, blijkt dat 2,4% van de jongens (toegewezen sekse) en 4,3% van de meiden (toegewezen sekse) transgender of genderdivers is. Jongens (toegewezen sekse) zijn vaker cisgender dan meiden (toegewezen sekse), waarbij meiden (toegewezen sekse) vaker dan jongens (toegewezen sekse) aangeven zich zowel jongen als meisje, geen jongen en ook geen meisje te voelen, een andere genderidentiteit te hebben of nog niet te weten wat hun genderidentiteit is."(28)

"Er zijn niet veel verschillen gevonden tussen cisgender enerzijds en transgender en genderdiverse jongeren anderzijds wat betreft ervaring met relaties en seks (Tabel 3.3.1). Vergeleken met cisgender jongeren geven iets minder transgender en genderdiverse jongeren aan ooit verliefd te zijn geweest. Ze geven ook iets vaker aan geen seks te hebben gehad in de laatste 4 weken en juist iets minder vaak dat ze 2 of 3 keer en meerdere keren per week seks hebben gehad."(30)

"Seksuele voorlichting op school krijgt van transgender en genderdiverse jongeren gemiddeld een iets lager cijfer dan van cisgender jongeren (Tabel 3.3.5). Transgender en genderdiverse jongeren geven de seksuele voorlichting die ze op school hebben gehad een onvoldoende (gemiddeld een 5,1). Cisgender jongeren geven dit gemiddeld net voldoende: een 5,6."

[Erg voorspelbaar, dat laatste. Over minderheidsgroepen wordt nog minder gepraat dan over de dominante groepen. ]

"Bijna alle jongeren die (ook) op seksegenoten vallen, hebben dat wel eens aan iemand verteld. Er zijn weinig verschillen voor demografische gegevens; alleen meiden (toegewezen sekse) hadden dit vaker verteld (96%) dan jongens (89%). De gemiddelde leeftijd waarop jongeren dit voor het eerst aan iemand hadden verteld, verschilt niet voor herkomst, het belang van geloof, opleiding en toegewezen sekse."(39)

[Opvallend open, vind ik. Dat is erg positief. ]

"Alle jongeren (dus ook heteroseksuele cisgender jongeren) vulden een aantal vragen in over hun opvattingen over uitingen van homoseksualiteit en gender non-conformiteit (Tabel 3.10.1). Jongens hebben vergeleken met meiden en jongeren met een andere genderidentiteit een negatievere houding ten aanzien van uitingen van homoseksualiteit en gender non-conform gedrag, met name wanneer andere jongens afwijken van de gender- en heteronorm. In totaal vindt 11% van de jongeren het niet oké als twee meisjes zoenen op straat; 16% vindt het niet oké als twee jongens dat doen. Ter vergelijking: bijna alle jongeren vinden het een beetje of helemaal oké als een jongen en meisje zoenen op straat; dit verschilt niet voor genderidentiteit." [mijn nadruk] (49)

"Het afkeuren van uitingen van seksuele diversiteit daalt steeds verder over de meetmomenten heen (Tabel 3.11.6). Zo keurde in 2012 ongeveer de helft van de jongens en ongeveer een kwart van de meiden het af als twee jongens elkaar zoenen op straat. In 2017 is dat percentage vrijwel gehalveerd en in 2023 zet die daling verder door: nu keurt nog ongeveer een kwart van jongens dit af en ongeveer een tiende van de meiden."(54)

(57) Hoofdstuk 4 - Latere seksuele ervaringen [Hanneke de Graaf & Koenraad Vermey]

"In dit hoofdstuk gaan we in op (seksuele) relaties tussen partners en op de kwaliteit van het huidige seksleven. Eerst komt de huidige vaste relatie aan bod. Vervolgens beschrijven we hoeveel verschillende sekspartners jongeren hebben gehad en wat de kenmerken zijn van de laatste sekspartner. Vervolgens komt seksueel gedrag aan bod: wat doen jongeren en hoe vaak? Ook gaan we in op alcohol- en drugsgebruik bij seks en seks tegen betaling. Daarna beschrijven we belevingsaspecten: seksuele motieven, seksuele gevoelens, seksuele interacties, lichaamsbeeld, seksuele tevredenheid en seksuele problemen (zoals orgasmeproblemen of pijn bij seks). Afsluitend beschrijven we de belangrijkste verschillen met 2012 en 2017."(57)

"Twee derde van de jongeren van 13 tot en met 24 jaar is single (Tabel 4.1.1). Een kwart van de jongeren heeft wel een relatie, maar woont niet samen. Een kleine groep woont samen met een vaste partner. Meiden hebben vaker een vaste relatie (36%) dan jongens (27%). Voor een kwart van de jongeren duurt of duurde de laatste relatie 2 jaar of langer. Dat is voor meiden vaker het geval dan voor jongens."(57)

"Voor masturberen en seks met een partner is nagevraagd hoe vaak jongeren dit deden in de afgelopen 6 maanden (masturberen) of 4 weken (seks met een partner). In Hoofdstuk 2 zagen we al dat een kleiner deel van de meiden dan van de jongens ooit gemasturbeerd heeft. Hier zien we dat jongens ook frequenter masturberen dan meiden. Van alle jongeren die ooit gemasturbeerd hebben, masturbeert meer dan de helft van de jongens (57%) minstens een paar keer per week, terwijl een op de vijf meiden (22%) in deze groep deze frequentie haalt. De verschillen tussen jongens en meiden zijn iets kleiner voor de frequentie van seks met iemand anders. Binnen de groep jongeren die ooit seks hebben gehad, hadden jongens iets vaker dan meiden geen seks in de afgelopen 4 weken." [mijn nadruk] (64)

[Eindelijk ook uitgebreid aandacht voor soloseks. ]

"Relatiestatus is de belangrijkste voorspeller van zowel masturbatie- als seksfrequentie. Singles masturberen vaker en hebben minder vaak seks met iemand anders dan jongeren die een relatie hebben, al dan niet samenwonend. Opleidingsniveau en geloof spelen daarnaast een rol voor masturbatiefrequentie: praktisch opgeleide jongeren en gelovige jongeren masturberen minder vaak dan theoretisch opgeleide jongeren en jongeren die niet gelovig zijn of die het geloof niet belangrijk vinden. Seksfrequentie hangt naast relatiestatus samen met leeftijd: in de oudste groep hebben zowel jongens als meiden het meest frequent seks met iemand anders. Dit hangt wellicht ook samen met het feit dat jongeren vaker een vaste partner hebben als ze ouder zijn." [mijn nadruk] (64-65)

[Vast nog steeds vanuit het idee dat je niet hoort te masturberen als je een relatie met iemand hebt met wie je seks kunt hebben. De 'ben ik niet goed genoeg' reacties.]

"Alleen jongeren die zijn geworven via brieven van het CBS hebben enkele vragen beantwoord over betaalde seks en ruilseks. Onder betaalde seks verstaan we het geven of ontvangen van geld voor seks of erotisch materiaal. Ruilseks is gedefinieerd als het geven of ontvangen van iets anders voor seks, bijvoorbeeld drankjes, kleding of een slaapplaats. Een zeer klein deel van de jongens heeft wel eens geld betaald voor seks (3,4%), geld betaald voor naaktfoto’s of seksfilmpjes van iemand anders (1,3%) of iets anders gegeven voor seks (0,8%) (Tabel 4.7.1). Geld of iets anders geven voor seks komt minder vaak voor bij meiden. Geld of iets anders ontvangen voor seks komt bij zowel bij jongens als bij meiden zelden voor." [mijn nadruk] (68-69)

"Vooral in het krijgen van een orgasme zijn de verschillen groot: 85% van de jongens kwam meestal of altijd klaar bij seks met de laatste sekspartner, tegenover 49% van de meiden. Ook zeggen jongens vaker bij de ander te checken of diegene seks wilde en wat diegene lekker vond. Daarnaast zijn meiden onzekerder dan jongens, zowel over hun uiterlijk als over hun prestaties."(73)

"Alle jongeren is gevraagd aan te geven hoe tevreden ze zijn over diverse lichaamsdelen en hun uiterlijk in het algemeen. Hier valt vooral het grote verschil tussen jongens en meiden op: meiden zijn over alle aan hen voorgelegde lichaamsdelen minder tevreden dan jongens. Zo is 64% van de jongens tevreden over hun uiterlijk, tegenover 46% van de meiden. Over hun buik zijn zowel jongens als meiden het minst tevreden: een op de zes jongens en een op de drie meiden is hier ontevreden over. Bij meiden scoort ook het figuur laag: een op de vijf meiden is hier ontevreden over. Een op de zestien jongens en een op de acht meiden is ontevreden over de geslachtsdelen."(77)

"Meiden hebben vaker een seksueel probleem dan jongens. Bijna een kwart (23%) van de seksueel ervaren meiden heeft ten minste één probleem dat vaak voorkomt en waar ze behoorlijk of erg veel last van hebben. Datzelfde geldt voor een op de tien jongens. Niet klaarkomen, weinig of geen zin in seks en een vagina die niet vochtig (genoeg) is tijdens seks komen het meest voor bij meiden. Een op de elf seksueel ervaren meiden komt vrijwel nooit klaar en heeft hier behoorlijk of erg veel last van. Een op de vijf meiden had in het afgelopen jaar pijn bij seks. Het enige probleem dat vaker voorkomt bij jongens is een vroegtijdig orgasme (binnen 1 minuut na penetratie klaarkomen). Dat is tevens het probleem dat bij jongens het meest voorkomt, in het afgelopen jaar bij een kwart van de seksueel ervaren jongens."(79-80)

"Bij twee op de drie jongeren vond de laatste keer seks plaats binnen een vaste relatie. Dit percentage is sinds 2012 steeds kleiner aan het worden. De laatste sekspartner is nu voor meer jongeren een losse partner met wie men meer dan één keer seks had (een seksmaatje). Dit percentage was in 2017 al hoger dan in 2012 en deze trend zet door."(84)

"Seksueel plezier is voor zowel jongens als meiden de belangrijkste reden om seks te hebben. Ook de seksuele interactie met de laatste sekspartner wordt over het algemeen als fijn en opwindend ervaren. Met een vaste partner wordt er meer uitgewisseld over wensen en grenzen en is de seks over het algemeen fijner. Ook wordt de seksuele interactie met de partner beter met het ouder worden."(85)

(87) Hoofdstuk 5 - Reproductieve gezondheid [Anne Oldenhof & Ineke van der Vlugt]

"Dit hoofdstuk gaat over anticonceptiegebruik en ervaring met een onbedoelde en ongewenste zwangerschap. We starten met een beschrijving van het anticonceptiegebruik van jongeren bij de eerste keer vaginale seks en met de laatste partner. Bij meiden kijken we ook naar de methode die ze nu gebruiken en die ze eerder gebruikt hebben, de redenen om geen anticonceptie te gebruiken en het gebruik van de morning-afterpil. Vervolgens wordt er gekeken naar het risico op en ervaring met onbedoelde en ongewenste zwangerschap en hoe jongens en meiden denken over zwangerschap. Dit hoofdstuk sluiten we af met de belangrijkste verschuivingen ten opzichte van 2012 en 2017 en conclusies."(87)

"Het anticonceptie- en condoomgebruik bij de eerste keer vaginale seks is behoorlijk hoog (Tabel 5.1.1). Eenennegentig procent van de jongeren gebruikte bij de eerste keer vaginale seks een anticonceptiemethode. Twee derde van de jongeren gebruikte hierbij een condoom en drie op de vijf jongeren gebruikte de pil of een andere anticonceptiemethode (zoals een spiraaltje, de anticonceptiepleister of de anticonceptiering). Ongeveer een derde van de jongeren gebruikten pil en condoom (Double Dutch)."(87)

[Dat klinkt wel goed / verstandig. De nuances die volgen geven desondanks te denken:]

"Niet-gelovige jongeren of jongeren voor wie het geloof niet belangrijk is gebruikte bij de eerste keer vaginale seks vaker een anticonceptiemethode in vergelijking met jongeren voor wie het geloof heel belangrijk is."(88)

"Daarnaast is de houding tegenover een zwangerschap positiever onder praktisch opgeleide jongeren en jongeren voor wie het geloof heel belangrijk is."(97)

"Onder niet-gelovige meiden zijn minder meiden wel eens zwanger geweest in vergelijking met meiden voor wie het geloof heel belangrijk is."

[Gelovigen zijn waarschijnlijk minder goed geïnformeerd dan hun niet-gelovige leeftijdgenoten. Misschien denken ze ook nog steeds dat seks er is voor de voortplanting.]

"Bij een losse partner gebruikt 12% van de jongens en 14% van de meiden niets bij de eerste keer vaginale seks."(88)

[Wat dan toch weer alarmerend is.]

"Negen op de duizend jongeren van 16 tot en met 24 jaar heeft in de afgelopen 12 maanden een kind gekregen. Tien op de duizend meiden heeft een abortus gehad (niet in tabel)."(99)

[Ook dat lage aantal lijkt me positief.]

"Aan alle jongeren is gevraagd naar hun opvattingen over abortus. Bijna negen op de tien jongeren vindt dat een meisje zelf moet kunnen kiezen of ze een abortus wil. Meiden zijn het vaker eens met deze stelling in vergelijking met jongens. Elf procent van de jongeren vindt abortus moord, jongens iets vaker dan meiden."(101)

"In deze paragraaf kijken we naar verschillen tussen 2012, 2017 en 2023 in anticonceptiegebruik (bij de eerste keer vaginale seks en met de laatste partner), de gebruikte methode en ervaring met zwangerschap. Het percentage meiden dat bij de eerste keer vaginale seks geen anticonceptie gebruikt is iets toegenomen in vergelijking met 2017 (Tabel 5.9.1). Ook het condoomgebruik en Double Dutch bij de eerste keer vaginale seks is in vergelijking met 2012 en 2017 afgenomen."(101)

[Dat is dan weer geen goede trend. ]

(107) Hoofdstuk 6 - Soa en hiv [Yolin Kraan, Paul Zantkuijl & Daphne van Wees]

"In dit hoofdstuk gaan we in op de mate waarin jongeren zich beschermen tegen soa’s (seksueel overdraagbare aandoeningen) en hiv door het gebruiken van condooms. Ook bekijken we welke groepen zich beter en minder goed beschermen, en wat redenen zijn om geen condooms (meer) te gebruiken. Vervolgens beschrijven we of jongeren zich laten testen op soa’s, wat drempels of motieven hiervoor zijn en hoeveel jongeren een positieve soa of hiv-test hebben gehad. We sluiten dit hoofdstuk af met verschuivingen ten opzichte van resultaten uit 2012 en 2017."(107)

"Bij de eerste keer vaginale seks geeft twee op de drie jongeren aan dat er een condoom werd gebruikt. Dit is een daling ten opzichte van 2017.(...) Eenentwintig procent van de seksueel ervaren jongens en 35% van de seksueel ervaren meiden heeft zich ooit laten testen op soa’s. In de afgelopen twaalf maanden is dit respectievelijk 11% en 16%. Jongeren van 22 tot en met 24 jaar hebben zich het vaakst laten testen op soa’s en hiv (ooit en in het afgelopen jaar) en zij hebben ook vaker een positieve soa-diagnose gehad. Daarnaast hebben meiden zich vaker laten testen dan jongens en zij deden dit het vaakst bij de huisarts terwijl de meeste jongens naar de soa-poli van een GGD gingen. Vergeleken met 2012 en 2017 zien we geen opvallende verschuivingen in het percentage dat zich recent liet testen, noch in het percentage positieve testen."(126-127)

(129) Hoofdstuk 7 - Seksuele grensoverschrijding [Hanneke de Graaf & Willy van Berlo]

"Seksuele grensoverschrijding is een verzamelterm voor alle vormen van seksueel gedrag die over de grenzen van een ander gaan en waarbij geen sprake is van instemming (consent). Bijvoorbeeld ongewenste aanrakingen of opmerkingen, zoenen of seks tegen iemands wil. In dit hoofdstuk beschrijven we eerst of de eerste keer vaginale seks met wederzijdse instemming was, of dat een van beiden hierbij werd overgehaald of gedwongen. Vervolgens gaan we in op verschillende ervaringen met seksuele grensoverschrijding ooit in het leven. Als iemand gedwongen is tot seksuele handelingen en/of manuele, orale, vaginale of anale seks tegen de wil heeft meegemaakt noemen we dat seksueel geweld. Als iemand ooit seksueel geweld heeft meegemaakt, beschrijven we voor de eerste keer dat dit gebeurde hoe oud iemand was bij deze ervaring(en), hoe iemand zelf reageerde en hoe de ander daar weer op reageerde, en wie degene was die dit deed. Ook gaan we in op consent en redenen die mensen hebben om niet te checken of de ander ook wil. Tenslotte kijken we naar verschuivingen in ervaringen met grensoverschrijding ten opzichte van 2017 en 2012." [mijn nadruk] (129)

[Ik blijf het vage termen vinden. Tegelijkertijd vind ik wel dat deze onderzoeken op dat punt helderder worden. 'Wederzijdse instemming', 'tegen de wil', 'ongewenst', 'dwingen', en 'seksueel geweld' vormen een vrij helder complex van begrippen. Iemand 'overhalen' vind ik de vaagste en de meest discutabele uitdrukking. Wat is 'iemand overhalen' en is dat zo erg? Is een instemming daarna minder waard dan de instemming van iemand die graag wil?]

"Als iemand ooit gedwongen is tot seksuele handelingen (de algemene vraag) en/of ooit manuele, vaginale, orale seks en/of anale seks tegen de wil had, noemen we dit in de rest van dit hoofdstuk seksueel geweld. Vijf procent van de jongens en 22% van de meiden is dit ooit overkomen. Als we hierbij ook kijken naar zoenen tegen de wil en ongewenste seksuele aanrakingen, dus naar alle vormen van fysieke seksuele grensoverschrijding, dan heeft 54% van de meiden en 22% van de jongens dat weleens meegemaakt. Twee derde van de meiden (66%) en 29% van de jongens heeft ooit een vorm van seksuele grensoverschrijding, inclusief vervelende seksuele opmerkingen, meegemaakt. Vervelende opmerkingen en ongewenste aanrakingen komen het meest voor."(131)

"Aan jongeren die seksueel geweld hebben meegemaakt is gevraagd of ze lieten merken dat ze dit niet wilden en zo ja, wat de ander toen heeft gedaan. Ze konden hier maar één antwoord kiezen, en bij ‘anders’ hebben sommigen dan ook aangegeven dat meerdere antwoorden van toepassingen waren en dat ze bijvoorbeeld eerst wel hadden aangegeven dat ze het niet wilden, maar het toen toch maar hadden laten gebeuren omdat de ander hier niet naar luisterde." [mijn nadruk] (134)

[Maar dan is het dus nog steeds 'tegen de wil' en zonder instemming en dus seksueel geweld.]

"Meer dan de helft van de jongeren die seksueel geweld is overkomen, geeft aan dat ze om verschillende redenen niet hebben laten merken dat ze dit niet wilden (Tabel 7.3.1). Meestal was dat omdat ze op dat moment niet goed beseften dat ze dit niet wilden (20%), omdat ze dit niet durfden (15%) of omdat ze verstijfden (13%). Ook bij de ‘anders, namelijk’ categorie werd meestal een andere reden gegeven waarom ze dit niet hebben laten merken, bijvoorbeeld ‘ik was te dronken’ of ‘ik wist niet wat er gebeurde’. Een op de drie jongeren (32%) die seksueel geweld heeft meegemaakt, gaf verbaal aan dat ze dit niet wilden, 11% deed dit non-verbaal. Meiden geven vaker dan jongens aan dat ze gezegd hebben dat ze geen seks wilden, jongens geven vaker dan meiden aan dat ze dit niet durfden."(134)

[Non-verbaal is natuurlijk gevaarlijk en kan gemakkelijk verkeerd begrepen worden. ]

"Jongeren die seksueel geweld hebben meegemaakt is gevraagd wie degene(n) was of waren die dit (de eerste keer) deed of deden. Bij meiden was de ander in 88% van de gevallen een jongen of man. Voor jongens is dit iets vaker een meisje of vrouw (46%) dan een jongen of man (42%). Jongens lijken iets vaker slachtoffer van een groep te zijn: bij 15% van de jongens en 9% van de meiden was er sprake van seksueel geweld door meerdere personen. Bij meiden was de ander meestal een partner of ex-partner. Dat is bij meiden ook vaker het geval dan bij jongens. Bij jongens was de ander ongeveer even vaak een (ex)partner als een onbekende. Voor zowel jongens als meiden geldt dat het meemaken van seksueel geweld meestal plaatsvond met iemand die ongeveer even oud of jonger was dan de jongere zelf. In 36% van de gevallen van seksueel geweld was de ander minstens 5 jaar ouder." [mijn nadruk] (136)

"Bij seksueel geweld voor het 16e jaar is het leeftijdsverschil groter: in 47% van de gevallen is de ander minstens 5 jaar ouder. Voor zowel seksueel geweld voor het 16e jaar als tijdens of na het 16e jaar is het vaak een partner of ex-partner waarmee dit gebeurt. De ander is vaker een bekende (bijvoorbeeld iemand van school of uit de buurt) of een familielid als het seksueel geweld voor het 16e plaatsvindt, en vaker een date of een losse sekspartner als het seksueel geweld na het 16e jaar plaatsvindt."(137)

"Van de jongeren die seksueel geweld hebben meegemaakt, heeft een kwart nog nooit met iemand gepraat over wat ze hebben meegemaakt (Tabel 7.5.1). Dat geldt voor jongens vaker (36%) dan voor meiden (23%)."(138)

[In lijn met de standaard rolverdeling.]

"De leeftijd waarop seksueel geweld heeft plaatsgevonden (voor het 16 e jaar of met 16 jaar of later) heeft invloed op het praten over deze ervaring. Jongeren die 16 jaar of ouder waren toen het voor het eerst gebeurde praten minder vaak over hun ervaringen dan degenen die dit al voor hun 16e meemaakten. Ervaringen voor het 16 e jaar worden vaker besproken met (een van) de ouders, een arts of hulpverlener of iemand anders."(139)

[Dat is dan weer positief. ]

"Voor het eerst zijn er in Seks onder je 25e vragen over consent (toestemming) opgenomen in het onderzoek Seks onder je 25e. Wij hebben gevraagd of jongeren weleens seks hebben gehad terwijl ze niet zeker wisten of de ander dit wilde, of ze altijd checken of de ander ook seks wil en als dit niet zo is, waarom ze dit niet altijd doen."(140)

[Een goede ontwikkeling. ]

"Jongeren is ook gevraagd of zij zelf weleens iemand gedwongen of onder druk gezet hebben om seks te kunnen hebben. Elf procent van de jongeren (13% van de jongens en 8% van de meiden) heeft naar eigen zeggen weleens aangedrongen of gezeurd om seks te kunnen hebben (Tabel 7.7.1). De andere vormen van druk uitoefenen worden maar zeer zelden gerapporteerd."(141)

[Nu duiken weer andere onbevredigende termen op: 'onder druk zetten', 'druk uitoefenen'. 'Aandringen of zeuren' is hier een categorie in een lijst met 'dreigen met geweld' of zelfs 'vasthouden, slaan of een wapen gebruiken'. De verschillen daartussen zijn immens.]

"In 2017 was de groep jongeren die seksueel geweld had meegemaakt iets kleiner dan in 2012. In 2023 is deze trend omgekeerd.(...) Mogelijk komen verschillende vormen van seksuele grensoverschrijding vaker voor. Deze trend kan echter ook voortkomen uit de toegenomen aandacht voor seksuele grensoverschrijding en seksueel geweld, in de media en de maatschappij, door bijvoorbeeld #MeToo." [mijn nadruk] (143)

"Meer dan de helft van de jongeren die seksueel geweld is overkomen, geeft aan dat ze niet hebben laten merken dat ze dit niet wilden. Dat lukt soms niet om uiteenlopende redenen, bijvoorbeeld (nog) niet goed beseffen dat je dit niet wil, niet durven of verstijven. Dit betekent niet dat dit geen seksueel geweld is of dat de schuld in dit geval bij het slachtoffer zou liggen. Deze jongeren hebben misschien niet laten merken dat ze het niet wilden, zij gaven ook geen expliciete toestemming. Dit laat zien hoe belangrijk het is om te checken of de ander ook seks wil." [mijn nadruk] (144)

['Schuld' is een zinloze categorie. De term 'slachtoffer' is ook typisch: je kon er niets aan doen, het was niet jouw schuld, het overkwam je. Dat is misschien zo in extreme situaties, maar in veel andere niet. Als je niet duidelijk laat merken / horen dat je niet wilt, ben je wel degelijk medeverantwoordelijk voor wat gebeurt. Dat is ook precies wat er vaak gevoeld wordt ('het lag ook aan mij'). Waarom lees je nooit: degene die niet liet weten dat zij/hij niet wilde moet leren wel te durven, niet te verstijven, weerbaar te worden, wel duidelijk te zijn over toestemming? En laten we het ook eens hebben over degenen die zonder toestemming en met geweld seks opdringen aan anderen. Welke oorzaken maken dat die daders er zijn? Je komt dan snel bij socialisering, mannen- en vrouwenrollen, en zo meer. En hoe kun je dat veranderen?]

(145) Hoofdstuk 8 - Informatie, communicatie en (sociale) media [Yolin Kraan, Sarah Boer & Marieke van den Borne]

"In dit hoofdstuk beschrijven wij de informatiebehoefte van jongeren anno 2023, hoeveel informatie zij over bepaalde onderwerpen hebben ontvangen op school, en hoe zij deze informatie waarderen. Daarnaast gaat dit hoofdstuk in op communicatie over onderwerpen met betrekking tot seksualiteit. We kijken in welke mate jongeren verschillende bronnen (zoals internet, ouders, vrienden en hulpverleners) raadplegen wanneer ze op zoek zijn naar informatie, of vragen of problemen hebben op het gebied van seks. Verder beschrijven wij ook hoe jongeren datingapps gebruiken, in het algemeen en voor daten en seks. Ook is er gekeken naar sexting waarbij we ingaan op wat jongeren zelf doen, maar ook op ongewenste ervaringen met sexting. Tenslotte komt pornogebruik aan bod. Dit hoofdstuk wordt afgesloten met belangrijke verschuivingen ten opzichte van resultaten uit 2012 en 2017."(145)

"De meeste jongeren (67%) geven aan dat het te weinig lessen waren en de helft liet weten dat ze niet de informatie kregen die ze wilden. Uit de open antwoorden van de jongeren zien we dat velen van hen vinden dat de lessen weinig inhoudelijke diepgang hadden en erg ouderwets/traditioneel waren, of vooral gefocust op het biologische aspect van seks (niet in tabel). Daarnaast lieten jongeren weten dat de sfeer in de klas soms ongemakkelijk was."(154)

"Over een groot aantal van de onderwerpen praten meiden meer met hun ouders dan jongens. Van de meiden praat bijvoorbeeld 70% soms tot vaak met hun ouders over de pil en andere anticonceptie, bij de jongens is dit 34%. Over de leuke kanten van seks, soa’s, en seks in de media wordt door veel van de jongeren nooit of nauwelijks gepraat met hun ouders. Zo geeft 76% van de jongeren aan nooit met hun ouders te praten over de leuke kanten van seks."(154)

"Van alle demografische factoren maakt leeftijd voor het gebruik van datingapps het meeste uit (Tabel 8.8.2). In de leeftijdsgroep van 22 tot en met 24 jaar oud, heeft ongeveer de helft van de jongeren weleens een datingapp gebruikt. In de jongste leeftijdsgroep (van 16 tot en met 18 jaar) is dat 9%. Daarnaast spelen ook opleiding en geloof een rol. Theoretisch opgeleide jongeren en jongeren die niet geloven of voor wie geloof onbelangrijk is, hebben vaker weleens datingapps gebruikt dan praktisch opgeleide jongeren en jongeren voor wie geloof heel belangrijk is. Er is geen verschil naar herkomst."(160)

Sexting

"Tabel 8.9.1 laat zien dat 15% van de jongeren, in de afgelopen zes maanden, minstens één keer aan sexting heeft gedaan (beelden van zichzelf gemaakt en gedeeld). Dertien procent van de jongeren heeft in de afgelopen zes maanden een naaktfoto of seksfilmpje van zichzelf naar iemand anders gestuurd. In vergelijking met meiden geven jongens iets vaker aan dat ze hebben gemasturbeerd tijdens een videochat (7% van de jongens tegenover 4% van de meiden). Daarnaast vroegen we ook of jongeren in de afgelopen zes maanden een naaktfoto of seksfilmpje van iemand anders hebben doorgestuurd. Jongens (4%) geven iets vaker aan dit gedaan te hebben dan meiden (2%) (niet in tabel)."(162)

"Naarmate jongeren ouder zijn doen ze vaker aan sexting (Tabel 8.9.3). Een op de vijf jongeren van 19 tot en met 24 jaar stuurde in het laatste halfjaar weleens een naaktfoto of seksfilmpje, liet borsten, vagina, of penis zien of masturbeerde tijdens een videochat. Jongeren die geloof heel belangrijk vinden, doen minder vaak aan sexting dan jongeren die niet-gelovig zijn of die het geloof niet belangrijk vinden.
Het ongewenst ontvangen van een naaktfoto of seksfilmpje komt bij meiden juist vaker voor in de jongste leeftijdsgroepen (Tabel 8.9.3). Een derde van de meiden van 13 tot en met 18 jaar geeft aan in het laatste halfjaar minstens één keer een naaktfoto of seksfilmpje te hebben ontvangen zonder dat zij het zelf wilden. Daarnaast maken praktisch opgeleide jongeren dit ook vaker mee dan theoretisch opgeleide jongeren. Niet-gelovige meiden of meiden voor wie geloof niet belangrijk is, ontvangen vaker ongewenst een naaktfoto of een seksfilmpje dan meiden voor wie geloof heel belangrijk is."(163)

(175) Hoofdstuk 9 - Jongeren op het praktijkonderwijs [Anne Oldenhof & Marieke van den Borne]

"Om inzicht te krijgen in de specifieke risico’s die spelen bij jongeren op het praktijkonderwijs (pro), hebben we net als in 2012 en 2017 een aanvullend onderzoek uitgevoerd op pro-scholen. Voor dit onderzoek is een verkorte en vereenvoudigde vragenlijst ontwikkeld, om aan te sluiten bij het taal- en ontwikkelingsniveau van deze doelgroep. In totaal vulden 285 jongens en 223 meiden deze vragenlijst in, waarvan 47% in de leeftijd 12-14 jaar en 53% van 15- 16 jaar. Door de kleine steekproef en oververtegenwoordiging van de jongere doelgroep zijn de vragen voor de seksueel ervaren jongeren door een betrekkelijk kleine groep jongeren ingevuld (n=111)."(175)

[Niet samengevat.]

(191) Hoofdstuk 10 - Samenvatting

De belangrijkste zaken op een rij:

1/ Seksuele start nog later dan in 2017

" Jongeren beginnen steeds later aan seks. In de mediane leeftijden is de trend zichtbaar voor alle vormen van seks met iemand anders, maar niet voor masturberen. In 2023 heeft de helft van de jongeren met 16,4 jaar getongzoend. Met 18,0 jaar heeft de helft van de jongeren ervaring met vingeren of aftrekken en met 18,6 jaar heeft de helft van de jongeren orale seks gehad. Met 18,7 jaar heeft de helft van de jongeren vaginale seks gehad, in 2017 was dat met 18,0 jaar en in 2012 was dat met 17,0 jaar. In de leeftijdsgroep tot 18 jaar loopt het percentage jongeren met ervaring vooral terug voor verliefdheid, relaties en zoenen.
Op basis van Seks onder je 25e kunnen we deze verschuiving niet verklaren. In 2018 is wel kwalitatief onderzoek gedaan om de verschuivingen van 2017 te kunnen duiden (Cense, 2018)." [mijn nadruk] (191)

[Ik vind dat onderzoek van Cense aanvechtbaar. Zie elders. De coronacrisis lijkt me heel wat waarschijnlijker. Jammer dat er niets gezegd wordt over de verpreutsing in de wereld onder invloed van de trend naar conservatieve opvattingen. Daar moet toch ook onderzoek naar zijn, zou je zeggen, al heb ik het zelf niet gevonden.]

2/ Meiden hebben minder seksueel plezier dan jongens

"Ook hebben meer meiden (23%) dan jongens (10%) een seksueel probleem. Een op de elf seksueel ervaren meiden komt vrijwel nooit klaar en heeft hier last van. Een op de vijf meiden had in het afgelopen jaar pijn bij seks, tegenover een op de zestien jongens. Daarnaast zijn meiden vaker onzeker over hun lichaam, zowel in het algemeen als tijdens seks. Minder dan de helft van de meiden (46%) is tevreden over haar uiterlijk in het algemeen, tegenover bijna twee derde (64%) van de jongens."(192)

[Dat is dus nog steeds niet veranderd. ]

3/ Meer seksuele en genderdiversiteit

4/ Opvattingen en relaties veranderen

"Wellicht kunnen deze verschuivingen worden toegeschreven aan een andere kijk op seks zonder verliefdheid, vooral bij de meiden. In 2012 vond nog een kwart van de meiden (26%) het oké als twee mensen seks hebben zonder verliefd te zijn, in 2017 was dit bijna de helft (47%) en in 2023 was dit bijna twee derde (62%). Voor het eerst denken meiden hier nu vrijwel hetzelfde over als jongens. Positief aan deze ontwikkeling is dat jongens en meiden zich vrijer kunnen voelen om de relatievorm te kiezen die bij hen past. Voor seksueel plezier kan het echter ook nadelen hebben, omdat jongeren bij seks met een vaste partner meer uitwisselen over wensen en grenzen en seks met een vaste partner vaker als fijn wordt ervaren."(193)

5/ Pilgebruik neemt sterk af, de groep die geen anticonceptie gebruikt groeit

6/ Condoomgebruik neemt sterk af, maar niet meer jongeren met een soa-diagnose

7/ Meer jongeren geven aan dat ze seksuele grensoverschrijding meemaakten

8/ Jongeren schatten niet goed in dat ze wel weten of de ander seks wil

9/ Jongeren willen betere seksuele vorming

"Over seksuele grensoverschrijding, seksueel plezier en seks in de media zegt een ruime meerderheid van de jongeren geen of weinig informatie te hebben gekregen."(196)

[De info betreft nog steeds vooral de anatomische kant en de risico's.]

10/ Gebruik van datingapps neemt af

11/ Toename porno kijken onder meiden, sexting neemt niet verder toe

[Dat is zorgelijk vanwege de beeldvorming en de invloed ervan. Maar daar wordt niets over gezegd.]